Plaats in Palestina | |||
|---|---|---|---|
| Situering | |||
| Gouvernement | Ramallah & Al-Bireh | ||
| Coördinaten | 31° 54′ NB, 35° 13′ OL | ||
| Algemeen | |||
| Inwoners (2007) |
38.202 | ||
| Hoogte | 860 m | ||
| Overig | |||
| Website | Officiële website | ||
| Foto's | |||
| |||
Al-Bireh of el-Bireh (Arabisch: البيرة, al Bīrah) is een Palestijnse stad op de Westelijke Jordaanoever. Het is de hoofdstad van het gouvernement Ramallah & Al-Bireh van Palestina en valt onder het bestuur van de Palestijnse Autoriteit.
Al-Bireh ligt oostelijk van de weg Nablus-Jeruzalem en ten oosten van de stad Ramallah, waardoor het bijna wordt opgeslokt. De stad ligt, evenals Ramallah, ruim 800 meter boven zeeniveau.
In Al-Bireh bevindt zich het In'ash Al-Osra Museum waar de traditionele Palestijnse samenleving wordt uitgebeeld.


Verder staat er de Kruisvaarderskerk waarvan wordt verhaald dat deze is gebouwd op de plaats waar Jozef en Maria zouden hebben gerust op hun reis van Jeruzalem naar Nazareth nadat ze Jezus in Jeruzalem in de menigte waren kwijtgeraakt. Na naar Jeruzalem te zijn teruggekeerd om hem te zoeken, zouden ze Jezus in de tempel biddend hebben aangetroffen (het verhaal staat niet in de Bijbel). Voorts is er een islamitisch gebedshuis genaamd de Moskee van Omar, een modern gebouw dat in de plaats is gekomen van een uit de Ottomaanse tijd stammende moskee die eind 20e eeuw werd gesloopt.
Op het grondgebied van de stad werd in 2008 aan de bouw van het Palestijnse nationale voetbalstadion begonnen waarvoor het Israëlische leger in 1981 al toestemming had gegeven. Het stadion was gefinancierd door de FIFA, de gemeente Al-Bireh, Duitsland en Frankrijk. In 2009 was het Faisal Al-Husseini Internationaal Stadion zo goed als af. Op 2 november 2009 dienden Israëlische kolonisten uit de, er in 1981 naast gebouwde, nederzetting Psagot met steun van de nederzettingenorganisatie Regavim een petitie in bij het Hooggerechtshof van Israël om het stadion te slopen evenals drie gebouwen met appartementen. Nadat ze in oktober brieven hadden geschreven naar de Israëlische Civil Administration over "enorme wetsovertredingen" had die de bouw al op 1 november stilgelegd. Van hogerhand bleek er echter geen bevoegdheid te zijn om het project te stoppen.