| Guichelheil | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Rood guichelheil (Anagallis arvensis subsp. arvensis) | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| geslacht | ||||||||||||||||
| Anagallis L. (1753) | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Guichelheil (Anagallis) is een geslacht van planten dat in de 23e druk van de Heukels geplaatst wordt in de sleutelbloemfamilie (Primulaceae). Merk op dat moderne taxonomen het geslacht vaak plaatsen in de familie Myrsinaceae.
Er zijn enkele tientallen soorten, waarvan de volgende (onder)soorten in Nederland voorkomen:
De soorten zijn klein en hebben helderrode of blauwe bloemen. De planten bloeien van mei tot de herfst. De bloemen gaan uitsluitend open als de zon schijnt.
Een selectie van soorten voor de tuin:
Guichelheil heeft een vrij vochtige grond nodig om goed te groeien, het liefst op kalkrijke bodem.
Guichel is een afgeleide vorm van het niet meer gebruikte woord guich dat gekte betekent. Heil betekent genezing. De plant werd vroeger gebruikt bij de behandeling van psychoses en hondsdolheid.
In 1998 kwam guichelheil voor in het Groot Dictee der Nederlandse Taal.