



Een brievenbus is een kast met een kleine opening waardoor brieven en kleine voorwerpen gedeponeerd kunnen worden. De kast is meestal afgesloten en kan door de sleutelhouder geopend worden. Er bestaan brievenbussen voor uiteenlopende doelen:
en verder:
Binnen organisaties zijn vaak postvakken aanwezig waar men de ontvangen post inlegt voor interne distributie.
In Nederland is PostNL verantwoordelijk voor de postverzorging. De Nederlandse brievenbussen zijn oranje; in het verleden waren er rode en daarvoor grijze brievenbussen. Ze hebben meestal twee vakken met elk een inwerpgleuf (inwerpopening): de een voor plaatselijke post en de ander voor de rest van het land en het buitenland. Oorspronkelijk was de linker gleuf bedoeld voor de eigen woonplaats. Omdat de meeste post een interlokale bestemming heeft, is het rechter vak groter (wat van buitenaf niet te zien is). De plaatselijke post is geleidelijk uitgebreid naar een meer regionaal karakter.
In 2025 daalde de hoeveelheid verzonden brieven met 5% tot 1486 miljoen poststukken. Om deze reden haalde PostNL dat jaar 788 brievenbussen weg. Hiermee is het aantal brievenbussen in Nederland zo'n 9791. In 2022 was het aantal 11.431.
De meeste brievenbussen worden op werkdagen minimaal eenmaal per dag geleegd ("gelicht"). Op zaterdag en zondag worden ze niet geleegd. Op de brievenbus bevindt zich een lichtingsindicator waaraan men kan zien wanneer de bus voor het laatst gelicht is en wanneer de volgende keer is. Het gebruikelijke tijdstip van de lichting is na 17.00 of 18.00 uur, bij sommige brievenbussen na 19.00 uur. Op de Waddeneilanden is het tijdstip van de lichting afhankelijk van de vertrektijd van de boot.
Door het ontsteken van vuurwerk in de brievenbus werd er aan de brievenbussen en de ingeworpen post jaarlijks schade aangebracht. Vanaf eind november vernauwt PostNL de gleuven om dit vandalisme tegen te gaan. Rond de jaarwisseling worden bij veel brievenbussen de gleuven helemaal afgesloten, of wordt zelfs de brievenbus weggehaald.

Niet alleen bij de postbedrijven zijn er brievenbussen. Zo had de Amsterdamse gemeentegiro tot 1979 eigen blauwe brievenbussen voor het verzenden van betaalopdrachten. In Amsterdam bij het GVB waren de meeste trams (achterop) en bussen (voorop) die het Stationsplein aandeden tot 1971 voorzien van een rode brievenbus die door een PTT-beambte bij aankomst op het Stationsplein werd gelicht. Ook de bussen van het Gemeentelijk Vervoerbedrijf Groningen hadden tot die tijd een brievenbus.
Bij het invoeren van de vermogensbelasting in 1893 werden speciaal voor de aangifte door het land overal aparte brievenbussen geplaatst.
In Nederland zijn er ongeveer 10 miljoen adressen waar post kan worden bezorgd (jan. 2026). Daarvoor zijn er particuliere brievenbussen bij bijna elke woning.
Veel woningen beschikken niet over een volwaardige brievenbus. Wat vaak zo wordt genoemd, is in feite slechts een gleuf in of naast de voordeur waar de post doorheen valt en op de grond valt. Om tocht te voorkomen zit daarover meestal een briefplaat met een klep, soms aangevuld met een borstel. In oudere huizen is achter deze gleuf soms nog wel een aparte brievenbus aanwezig.
Om aan te geven dat de post wordt bezorgd, zegt men wel "de post valt op de mat". Hierbij wordt gedacht aan zo'n woning zonder echte brievenbus, waarbij de vloermat achter de voordeur ligt.
Bij flatgebouwen vindt men meestal een rij brievenbussen naast de gemeenschappelijke toegangsdeur of in de toegangshal (de zogenoemde 'postkasten') en dat zijn natuurlijk wel echte brievenbussen. De bewoners hebben er een sleutel van. Dergelijke brievenbussen vindt men ook bij woningen of appartementcomplexen die zijn voorzien van een toegangshek. Deze bevinden zich dan naast het hek.
Voorheen werd de post door de PTT overal bezorgd, zelfs als men woonde op een eiland dat alleen per roeiboot bereikbaar was. Sinds de jaren 70 gelden er voor brievenbussen bij woningen en kantoren allerlei regels, zoals bereikbaarheid en afmetingen. Een brievenbus mag niet meer dan 10 m van de openbare weg verwijderd zijn (dit geldt niet voor flatgebouwen), moet bepaalde minimumafmetingen hebben (zie hieronder) en moet zich tussen 0,6 en 1,8 m hoogte bevinden. Deze regels zijn vastgelegd in de artikelen 5 en 6 van de Postregeling 2009.
Toen deze regels van kracht werden, kreeg iedereen die verder dan 10 meter van de openbare weg woonde gratis een groene buitenbus. Het gebruik hiervan is niet verplicht, men mag zelf een brievenbus maken of kopen, mits deze aan de voorschriften voldoet. De aanbevolen kleur is groen, waarmee men vermijdt dat buitenlanders een particuliere brievenbus voor een openbare aanzien.
De minimale afmetingen van de gleuf zijn in Nederland 265×32 mm. Het eventuele kastje moet minimaal 380 mm diep zijn. Een poststuk dat past in de kleinst toegestane brievenbus, mag als buspost verzonden worden. Een groter poststuk heet belpost en hiervoor geldt een hoger tarief, omdat de postbesteller moet aanbellen om het poststuk te bezorgen. De werkelijke afmetingen van de brievenbus van de geadresseerde zijn hierbij niet van belang.
Het postbedrijf mag weigeren een poststuk te bezorgen als er bij de geadresseerde geen goedgekeurde brievenbus is.
Op postkantoren vindt men een gleuf van de voorgeschreven afmetingen waarin men bij verzending kan controleren of een poststuk aan de maximale afmetingen voldoet, Een brievenbusgleuf is te koop bij bouwmarkten en voldoet meestal precies aan de voorgeschreven afmetingen, hoewel de gleuf best groter mag zijn. Dergelijke brievenbusgleuven worden vaak gebruikt op kantoren om te controleren of poststukken in de brievenbus passen, zodat hiermee rekening kan worden gehouden bij het frankeren van de post. Op deze manier hoeven poststukken die niet in de brievenbus passen alleen nog maar afgegeven te worden bij het postkantoor, wat veel tijd scheelt.
Sinds 1968 werden de openbare tweelingbrievenbussen door Philips geproduceerd. Sinds 1987 worden de openbare tweelingbrievenbussen door Hogro in Waalwijk geproduceerd en geassembleerd bij PTT-Contest, voorheen Centrale Werkplaatsen PTT.
In België gelden sinds 2008 andere normen: de brievenbus moet voldoende groot zijn om een ongevouwen zending in C4-formaat (229×324 mm) met een dikte van 24 mm zonder beschadiging te ontvangen.

In de Verenigde Staten en Canada is het in veel afgelegen gebieden zo dat de brievenbus bij woningen zowel voor het verzenden als ontvangen van post dient. Aan de brievenbus zit een vlaggetje; staat het vlaggetje omhoog, dan is dit een teken voor de postbode dat er post in de bus ligt die meegenomen moet worden.
In beide landen staan brievenbussen net als in Europa vaak gewoon aan de huizen, maar komt het daarnaast ook wel voor dat brievenbussen voor een hele buurt of dorp gegroepeerd worden op één locatie. Vaak zijn deze zo voorzien zodat ze vanuit de wagen geopend kunnen worden.
De meeste Amerikaanse brievenbussen zijn kleiner dan de Europese norm en dus bij Nederlandse woningen niet toegestaan.