| Kluwenhoornbloem | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Cerastium glomeratum Thuill. | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Kluwenhoornbloem (Cerastium glomeratum) is een plantensoort uit de anjerfamilie (Caryophyllaceae).
Kluwenhoornbloem is een eenjarige, kruidachtige plant. De bladeren zijn rondachtig-eirond tot elliptisch, en groen tot geelgroen van kleur. De bloeiwijze is een kluwen met veel bloemen dicht opeen, en kleverige klierharen in het bovenste deel. De stelen van de doosvrucht zijn ongeveer even lang als de kelkbladen. De helmdraden zijn kaal.
Kluwenhoornbloem is een pioniersoort die vooral voorkomt voor op losse, eutrofe grond. Ze is veel te vinden op braakland, bouwland, akkers en open grasland. Door toegenomen bemesting komt de plant meer voor en wordt door boeren gezien als onkruid.
De soort is van oorsprong waarschijnlijk Europees en komt voor in Noord-Afrika, West-Europa, het zuiden van de Britse Eilanden, het zuiden van Oost-Europa en over de Kaukasus verder tot aan Japan. In Noord-Amerika, Australië en Nieuw-Zeeland is de plant ingevoerd. De soort is vrij algemeen, maar eerder zeldzaam in het Ardens district en de noordelijke helft van Belgisch Limburg (wegens de voedselarme gronden daar).