Checkpoint (computerspelterm)

Checkpoints (ook wel controlepunten genoemd) zijn locaties in computerspellen waar de tussentijdse voortgang van een speler wordt opgeslagen. Een personage zal meestal opnieuw spawnen bij het laatste checkpoint dat is bereikt. Dit gebeurt meestal na de dood van het personage, maar kan ook plaatsvinden wanneer een speler een opdracht niet haalt die nodig is om verder te komen in het spel. In sommige spellen kan de speler er ook zelf voor kiezen om opnieuw te beginnen bij een eerder bereikt checkpoint. Sommige checkpoints zijn tijdelijk, bijvoorbeeld wanneer ze niet meer werken nadat de speler zijn laatste leven heeft verloren, het level heeft voltooid of het level heeft verlaten, vooral in platformspellen. De meeste moderne spellen slaan de voortgang op deze punten echter automatisch op in het geheugen, wat bekendstaat als auto-saving.

Checkpoints kunnen zichtbaar of onzichtbaar zijn voor de speler. Zichtbare checkpoints kunnen de speler een gevoel van veiligheid geven wanneer ze worden geactiveerd, maar kunnen tegelijkertijd afbreuk doen aan de immersie, omdat checkpoints duidelijk spelmechanische elementen zijn en soms uitleg nodig hebben over hoe ze werken, tenzij ze diëgetisch zijn. Onzichtbare checkpoints verstoren de immersie minder, maar kunnen ervoor zorgen dat spelers onzeker zijn over waar zij opnieuw zullen verschijnen wanneer de head-up display niet duidelijk aangeeft dat een checkpoint is bereikt.

Volgens de Guinness World Records was Pitfall II: The Lost Caverns voor de Atari 2600, dat in 1984 uitkwam, het eerste computerspel dat het beperkte aantal levens verving door een systeem waarbij spelers onbeperkt konden sterven en hun avontuur opnieuw konden beginnen vanaf het laatst bereikte checkpoint.