

In de nutsvoorzieningen is een slimme meter een digitale energiemeter die het verbruik van een huishouden of een ander afnamepunt meet, bijvoorbeeld een digitale kilowattuurmeter als het gaat over elektriciteit. De slimme meter kan zowel op locatie als op afstand worden uitgelezen en onderscheidt zich op deze manier van analoge meters en niet-slimme digitale meters. De slimme meter wordt in Nederland ingezet voor meting van het verbruik van water, (aard)gas, elektriciteit en (stads)warmte.
Een slimme meter is een elektronische meter die het energieverbruik registreert en automatisch meterstanden kan doorgeven aan de distributienetbeheerder.
In tegenstelling tot traditionele meters maakt een slimme meter afstandsuitlezing mogelijk, waardoor manuele meteropnames grotendeels overbodig worden.
Daarnaast kunnen slimme meters afzonderlijk registreren hoeveel elektriciteit van het net wordt afgenomen en hoeveel elektriciteit op het net wordt geïnjecteerd. Hierdoor zijn zij geschikt voor gebruikers met zonnepanelen of andere vormen van decentrale elektriciteitsproductie.
Het meetsysteem van de slimme meter is in combinatie met de infrastructuur van de netbeheerder in staat om:
Voor de factuur gebaseerd op het werkelijke verbruik of voor een webapplicatie worden de gegevens via de slimme meter verzonden naar de netbeheerder. Hiervoor registreren de slimme meters het energieverbruik met tussenpozen van 15 minuten voor elektriciteit en van 60 minuten voor gas, water en warmte. De gangbare techniek voor communicatie tussen de woning en de netbeheerder is via het mobiele telefonienetwerk.
Het op verzoek laten installeren van slimme meters was al geruime tijd mogelijk in Nederland. Zo introduceerde energieleverancier Oxxio in 2005 de eerste slimme meter voor zowel elektriciteit als gas in Nederland. Oxxio heeft deze activiteit sinds 1 januari 2012 overgedragen, omdat de overheid besloten heeft dat de regionale netbeheerders de vervanging, plaatsing, en het beheer van de slimme meters vanaf die datum moeten verzorgen. Op 20 maart 2007 berichtte Eneco in een persbericht, dat ENECO-klanten die over een slimme meter beschikten, gebruik konden maken van het “Telmi EnergieTegoed”, een betaalsysteem voor de levering van gas en elektriciteit, op basis van een vooraf gestort tegoed. Sinds 2009 waren er in Nederland verscheidene proefprojecten gaande om de bestaande gas- en elektriciteitsmeters bij wijze van proef door slimme meters te vervangen of in nieuwbouwprojecten te plaatsen, om ervaring met de apparatuur en de mogelijkheden op te doen.
In juli 2008 is het wetsvoorstel "Wijziging van de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet ter verbetering van de werking van de elektriciteits- en gasmarkt (31374)", met diverse amendementen, aangenomen door de Tweede Kamer. Een onderdeel hiervan was de verplichte plaatsing van de slimme meter bij alle kleinverbruikers (burgers). Op 7 april 2009 bepaalde de Eerste Kamer dat de invoering van de slimme meter op vrijwillige basis zou dienen te geschieden en ging derhalve niet akkoord met de wetsvoorstellen. Volgens het wetsontwerp zou een persoon die een slimme meter weigerde te laten plaatsen zich schuldig maken aan een economisch delict, en daardoor een celstraf van maximaal zes maanden en een boete tot €17.000 opgelegd kunnen krijgen, waarna de slimme meter alsnog geplaatst zou worden. Dit leidde tot een adviesrapport waarin het CBP zeer kritisch was en tot aanvullend onderzoek door de Universiteit van Tilburg in opdracht van de Consumentenbond, dat de verplichte invoering van slimme meters in strijd was met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
Pas op 22 februari 2011 heeft de Eerste Kamer, na diverse aanpassingen te hebben afgedwongen, de door minister Maxime Verhagen gewijzigde wetsvoorstellen bekrachtigd. Minister Van der Hoeven (CDA) moest de Eerste Kamer schriftelijk toezeggen dat deze verplichting tot het plaatsen veranderd zou worden in een vrijwillige keuze voor de gebruiker.
Op 19 mei 2011 bleek uit een persbericht van de KEMA dat het mogelijk was om met bestaande technologieën een “smart grid” of slim energienet te creëren, inclusief bijbehorend marktmodel waarin gebruikers onderling elektriciteit kunnen uitwisselen.
De Europees Toezichthouder voor gegevensbescherming (EDPS), de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming, heeft op 9 maart 2012 haar opinie gepubliceerd over de voorbereiding van de daadwerkelijke toepassing van slimme metersystemen. De EDPS waarschuwde hierin, dat slimme meters mogelijk een serieuze bedreiging voor de privacy en de veiligheid van de burger kunnen vormen, en dat de invoering kan leiden tot het massaal verzamelen van gegevens die informatie geven over het doen en laten van burgers, bijvoorbeeld door hun huishoudelijke apparaten door middel van hun specifieke stroomverbruik te identificeren. De EPDS beviel daarom de Europese Commissie aan hiertegen wettelijke maatregelen te nemen. Het CBP heeft op 28 maart 2012 een Ontwerpbesluit Gedragscode voor de verwerking van persoonsgegevens door regionale netbeheerders gepubliceerd, waarmee regelgeving en toezicht is gekomen op de omgang met de persoons- en meetgegevens die door de netbeheerders gebruikt worden.
Met de officiële invoering van de slimme meter werd op 1 januari 2012, voor een periode van twee jaar gestart met het plaatsen van slimme meters in nieuwbouw- en renovatieprojecten, bij reguliere vervanging van meters, en op verzoek van de burger zelf, waarbij de eerdere ervaringen met de slimme meters op iets grotere schaal werden beproefd. Op deze manier wilden de overheid, de netbeheerders en de energiebedrijven verdere ervaring opdoen met de plaatsing van slimme meters, en eventuele aanpassingen in de architectuur kunnen testen en beschrijven. Tot 2014 werd nog met de slimme meter getest, ook door het aantal locaties uit te breiden, waarna de ervaring met het invoeren en plaatsen van de slimme meter geëvalueerd werd. De regering zou hierna in overleg met het parlement besluiten hoe de meter in de rest van Nederland verspreid zal worden.
Oudere meters (vóór DSMR 4.0, Dutch Smart Meter Requirements) communiceren via PLC/BPL met de netbeheerder. PLC staat bekend om de storingen die het regelmatig veroorzaakt bij radiotoepassingen, vooral tussen 2 tot 30 MHz (korte golf), omdat de frequenties van PLC die van de korte golf overlappen en elektriciteitskabels over het algemeen niet afgeschermd zijn en er veel ongewenste harmonischen optreden bij PLC. Sinds versie 4.0 van de DSMR specificatie wordt PLC niet meer gebruikt in slimme meters, en wordt uitsluitend GPRS gebruikt voor communicatie met de netbeheerder.
Op 10 maart 2014 kondigde minister Kamp (VVD) van Economische Zaken in een brief aan de Tweede Kamer aan dat op 1 januari 2015 gestart zou worden met de grootschalige toepassing van de slimme meter, zodat op 31 december 2020 wordt voldaan aan de Europese eis dat minimaal 80% van de aansluitingen is uitgerust met een slimme meter. In het ontwerpbesluit van 14 oktober 2014 is de weigeroptie gehandhaafd, zodat het mogelijk blijft om de plaatsing in zijn geheel te weigeren. Daarnaast is in het ontwerpbesluit de verplichting voor de schakelfunctie geschrapt, zodat de mogelijkheid om de energievoorziening op afstand in- en uit te schakelen niet meer aanwezig zal zijn in de meters die tijdens de grootschalige invoering worden geplaatst, vooral vanwege zorgen over cybercriminaliteit en maatschappelijke acceptatie. Meters van eerdere generaties die dit technisch konden en nog in het net aanwezig zijn, zijn via een firmware-aanpassing ontdaan van deze functionaliteit.
Omdat het GPRS-netwerk vanaf 1 januari 2029 niet meer ondersteund wordt zijn netbeheerders overgegaan op alternatieve netwerken. Sinds versie 5.0 (2017) van de DSMR-specificatie gebruiken netbeheerders Alliander en Stedin daarom een eigen 450MHz-CDMA-radionetwerk, waarvoor zelf een infrastructuur is opgezet. Enexis maakt sindsdien gebruik van de beschikbare mobiele 4G-netwerken die ook voor telefonie wordt gebruikt.
Netbeheerder Alliander meldde in hun jaarverslag 2021 dat de grootschalige aanbieding in april 2021 is afgerond en 87% van de consumenten in Alliander netgebied is ingegaan op het aanbod en een slimme meter heeft gekregen.
In februari 2020 heeft de tweede kamer ingestemd met een verplichting voor slimme warmtemeters. In juni 2021 is warmteleverancier Ennatuurlijk gestart met de uitrol van slimme warmtemeters. Ook andere leveranciers van stadswarmte hebben inmiddels domme warmtemeters vervangen voor een slimme meter. Op 1 januari 2027 moet op elke locatie een slimme warmtemeter geïnstalleerd zijn.
Waterbedrijf Oasen is in 2026 gestart met het vervangen van verouderde meters door slimme meters. Ook andere waterbedrijven zijn begonnen met de uitrol van slimme meters.
De uitrol van slimme meters in België wordt georganiseerd door de regionale distributienetbeheerders en verloopt volgens de energie- en digitaliseringsdoelstellingen van de verschillende gewesten.
In Vlaanderen wordt de uitrol uitgevoerd door Fluvius, dat geleidelijk analoge elektriciteits- en gasmeters vervangt door digitale meters. In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is Sibelga verantwoordelijk voor de plaatsing van slimme meters. In Wallonië gebeurt de invoering onder meer via ORES en andere distributienetbeheerders in het kader van de geleidelijke modernisering van het meterpark.
De invoering van slimme meters maakt deel uit van een bredere modernisering van de elektriciteits- en gasnetten en moet bijdragen aan een efficiënter beheer van energiestromen en verbruiksgegevens.
De verwerking van gedetailleerde energiegegevens heeft geleid tot discussies over privacy en gegevensbescherming.
Slimme meters verzamelen verbruiksgegevens die via beveiligde systemen worden doorgestuurd naar de netbeheerder.
Daarom gelden specifieke regels met betrekking tot de opslag, verwerking en toegang tot deze gegevens. De bescherming van persoonsgegevens vormt een belangrijk aandachtspunt bij het gebruik van slimme meters.
Slimme meters maken de toepassing van dynamische energiecontracten mogelijk.
Bij dergelijke contracten varieert de elektriciteitsprijs afhankelijk van het tijdstip waarop elektriciteit wordt verbruikt. De meetgegevens van de slimme meter maken het mogelijk om het verbruik per periode nauwkeurig te registreren.
Hierdoor kunnen consumenten bepaalde elektriciteitsverbruiken verschuiven naar periodes waarin de elektriciteitsprijs lager ligt.
Er zijn drie typen energiemeters op de markt: de analoge meter, de niet-slimme digitale meter en de slimme meter.
Traditionele mechanische elektriciteitsmeters registreren uitsluitend het totale elektriciteitsverbruik.
Slimme meters bieden bijkomende functies zoals digitale uitlezing, automatische communicatie met de netbeheerder en een meer gedetailleerde registratie van energiegegevens.
Hierdoor kunnen administratieve processen worden vereenvoudigd en ontstaat een nauwkeuriger beeld van het energieverbruik.
Een analoge meter heeft geen digitaal display, maar een analoog telwerk dat op mechanische wijze de meterstand verhoogt of (in geval van teruglevering) verlaagt. Deze meters geven geen apart inzicht in geleverde en teruggeleverde energie. Vanwege de afschaffing van de salderingsregeling wordt deze scheiding verplicht voor elektriciteitsmeters vanaf 1 januari 2026. Analoge warmtemeters zijn niet meer toegestaan vanaf 1 januari 2027. De netbeheerder vervangt daardoor de analoge elektriciteits- en warmtemeters die nog in gebruik zijn. Analoge water- en gasmeters zijn nog wel toegestaan. Een analoge meter bevat geen communicatiefunctionaliteiten en hierdoor moet de consument zelf haar meterstanden doorgeven aan de energieleverancier.
Een niet-slimme digitale meter heeft een digitaal display. Deze meter kan meerdere telwerken hebben, maar in het geval van gas en water is dit meestal niet het geval. Voor elektriciteit heeft het grootste deel van de digitale meters wel een apart telwerk voor geleverde en teruggeleverde energie en voldoet zo aan de energiewet. Niet-slimme digitale warmtemeters zijn niet meer toegestaan vanaf 1 januari 2027. Digitale water- en gasmeters zijn nog wel toegestaan. Een niet-slimme digitale meter bevat geen communicatiefunctionaliteiten en hierdoor moet de consument zelf haar meterstanden doorgeven aan de energieleverancier.
Met de term 'slim' wordt bedoeld dat het apparaat op afstand uitgelezen kan worden en meterstanden doorgeeft aan de netbeheerder. De energieleverancier maakt de energierekening op met deze meterstanden op basis van de tarieven van levering en teruglevering, en soms dag- en nachttarief. Daarnaast bieden de meeste energieleveranciers een slim verbruiksoverzicht op basis van deze data. Veel slimme meters bevatten een klantpoort, waarmee de consument via het huisnetwerk of een extern device, detailinzicht kan krijgen in het verbruik van verschillende apparaten. Leveranciers van laadpalen of zonnepanelen maken hier gebruik van om de klant inzicht te geven in de geleverde of opgewekte energie. De slimme meter is noodzakelijk voor dynamische energiecontracten en wordt daarom bij deze contracten vaak verplicht gesteld.
Tot de vaak genoemde voordelen van slimme meters behoren automatische meteropname, een beter inzicht in energieverbruik, ondersteuning van zonnepanelen en de mogelijkheid om nieuwe energiediensten en dynamische tarieven toe te passen.
Daarnaast worden soms ook nadelen of aandachtspunten genoemd, zoals bezorgdheden rond privacy, de afhankelijkheid van digitale infrastructuur, cybersecurity en discussies over de kosten van de uitrol.
Volgens verschillende actoren binnen de energiesector bieden slimme meters gebruikers een beter inzicht in hun energieverbruik. Dankzij de beschikbaarheid van meer gedetailleerde verbruiksinformatie kunnen huishoudens hun energieverbruik beter opvolgen en mogelijk energiebesparende maatregelen nemen.
Daarnaast vergemakkelijken slimme meters de opvolging van afname en injectie van elektriciteit bij installaties met zonnepanelen, waardoor de energiestromen transparanter worden geregistreerd.
De gebruiker is niet verplicht om een slimme meter te laten installeren of als slimme meter te gebruiken. Er zijn dan twee mogelijkheden:
In beide gevallen moet de gebruiker de meterstanden zelf jaarlijks doorgegeven.
Er zijn regels opgesteld ter bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de gebruiker van de slimme meter.
Netbeheerders en energieleveranciers mogen meetgegevens alléén in de volgende gevallen gebruiken:
De gegevens van de gebruiker die wél zichtbaar zijn voor de netbeheerder en/of energieleverancier, worden op een aantal manieren door de wet- en regelgeving beschermd. Dit wordt door overheidsinstanties bewaakt:
De gebruiker kan voor het stellen van vragen of het indienen van klachten over privacy en de plaatsing of de toepassing van de slimme meter terecht bij het 'Slimme meter loket' van de rijksoverheid, of de rechtstreeks bij de Energiekamer van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa).
Het ministerie van Economische Zaken heeft het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) opdracht gegeven om basisfuncties voor de meetinrichting voor elektriciteit, gas en thermische energie voor kleinverbruikers te beschrijven en te normeren, met als resultaat dat op 27 april 2007 de 'NEN-norm NTA 8130' (Basisfuncties voor de meetinrichting voor elektriciteit, gas en thermische energie voor kleinverbruikers) is opgemaakt, en op 28 maart 2018 is ingetrokken. De nadruk in de NTA 8130-normering lag op de beschrijving van de basisfunctionaliteiten voor de slimme gas- en elektriciteitsmeters, zoals hoe communicatie dient te verlopen.
De architectuur waaraan een slimme meter en zijn omgeving moet voldoen, is eveneens gespecificeerd in de NTA 8130-normering en in de daarvan afgeleide DSMR-specificatie (Dutch Smart Meter Requirements) versie 5, met inbegrip van de begeleidende protocollen, definities, en afhankelijkheden voor de communicatie, zoals
Voor de communicatie tussen de systemen van de netbeheerder en de slimme meter kunnen mobiele communicatienetwerken zoals GPRS en LTE-M worden gebruikt.
Slimme meters spelen een belangrijke rol in de energietransitie doordat zij een nauwkeuriger inzicht geven in energieverbruik en lokale energieproductie. Door de beschikbaarheid van gedetailleerdere verbruiksgegevens kunnen gebruikers en marktpartijen beter inspelen op veranderingen in vraag en aanbod van elektriciteit. Slimme meters vormen bovendien een technische basis voor toepassingen zoals thuisbatterijen, dynamische energiecontracten, energiedelen en het slim laden van elektrische voertuigen.