| Dom van Xanten Sint-Victorkerk | ||||
|---|---|---|---|---|
| Locatie | ||||
| Land | ||||
| Plaats | Kapitel, 46509 Xanten | |||
| Coördinaten | 51° 40′ NB, 6° 27′ OL | |||
| Gewijd aan | Victor van Xanten | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Gebouwd in | 1263-1544 | |||
| Monumentale status | onroerend erfgoed in Noordrijn-Westfalen | |||
| Bouwkundige informatie | ||||
| Architect(en) | Carl Cuno | |||
| Stijlperiode | gotische architectuur | |||
| Kerkprovincie en -genootschap | ||||
| Denominatie | Katholieke Kerk | |||
| Bisdom | Bisdom Münster | |||
| Katholieke rite | Romeinse ritus | |||
| Detailkaart | ||||
| Afbeeldingen | ||||
Interieur met gotisch doksaal | ||||
| Links | ||||
| Website | ||||
| ||||
De Dom van Xanten, ook wel Sint-Victorkerk (Duits: Xantener Dom of St. Viktorkirche), is de katholieke dom van de aan de Nederrijn gelegen Duitse stad Xanten. De voormalige stiftskerk verkreeg in 1937 van paus Pius XI de status Basilica minor.
De dom heeft zijn naam te danken aan Victor van Xanten, een christelijk martelaar en lid van het Thebaanse Legioen die na een weigering om Romeinse afgoden te dienen, samen met 360 andere leden van het legioen in het amfitheater van het enkele kilometers ten zuidoosten van Xanten gelegen Birten, werd gemarteld en gedood. Volgens een legende zou keizerin Helena van Constantinopel een kapel hebben laten oprichten voor de beenderen van Sint-Victor en de legionairs. In 1933 ontdekte men echter tijdens onderzoek onder het koor een dubbelgraf uit de 4e eeuw, waarin men de beenderen vond van twee door geweld omgekomen mannen.
De eerste steen van de dom werd in het jaar 1263 gelegd. De bouw duurde 281 jaar en werd met de wijding van de Heilige-Geest-kapel in het jaar 1544 afgesloten. Oorspronkelijk werd voorzien in een drieschepig ontwerp met dwarsschip voorzien, maar het godshuis werd een vijfschepige kerk in gotische stijl. In tegenstelling tot wat gebruikelijk was bij de bouw van kerken in die periode, bezit de kerk geen kooromgang. In plaats daarvan werden aan beide zijden van het koor twee kapellen aangesloten, zoals dat ook het geval is bij de Onze-Lieve-Vrouwekerk in Trier.
De bibliotheek van de dom is een van de belangrijkste kerkelijke bibliotheken van de regio.
Aan de noordkant van de kerk sluiten zich de stiftsgebouwen aan. De kruisgang (1543-1546) en de kapittelzaal zijn bezienswaardig. Met een bisschopsmis werd in 2010 het nieuwe stiftsmuseum geopend waar de uit circa 400 objecten bestaande kerkschat van de Dom van Xanten wordt tentoongesteld.




Vermoed wordt dat reeds in de 6e eeuw door bisschop Evergislus een stenen gebedsruimte werd opgericht. De eerste kerk uit de Karolingische tijd met een rechthoekig koor zou gesticht zijn in 752. Iets later werd aan de kerk een seculier kapittel of koorherenstift verbonden op een plaats die men ad Sanctos (bij de heiligen) noemde. Men veronderstelde destijds dat de kerk zich bevond boven de graven van enkele martelaren van het Thebaanse Legioen. Na de oprichting van het stift werd in het aangrenzende gebied een stad aangelegd, waarvan de naam zich ten slotte van "ad Sanctos" tot Xanten ontwikkelde. Het stift was een afgesloten gebied in de stad en kon vanuit Xanten slechts via twee poorten worden bereikt, waarvan tegenwoordig slechts de zuidelijke poort nog bestaat. Totdat met de bouw van de dom werd begonnen bestonden er tussen de Karolingische kerk en de huidige dom nog andere kerken. De Karolingische kerk werd in het begin van de 9e eeuw herbouwd. Enkele decennia later volgde de nieuwbouw van een drieschepige kerk, die echter in het jaar 863 door Noormannen verwoest werd. Daarop begon rond 967 de bouw van een romaanse kerk, die in 1213 met een westkoor werd verlengd.
In 1263 werd de eerste steen gelegd voor de bouw van de gotische dom door aartsbisschop Koenraad van Hochstaden en zijn broer Frederik, die rond die tijd domproost en aartsdiaken van het aartsdiakonaat Xanten geworden was. Tot 1437 werd aan het oostelijke deel van het koor, tot aan het doksaal, gebouwd. In de periode tussen 1483-1519 bouwde men het westelijke deel van de kerk tot aan het westkoor van de romaanse dom. Met de wijding van de Heilige Geestkapel in 1544 waren de bouwwerkzaamheden tot een einde gekomen. Voortaan was de dom het centrum van een aartsdiakonaat dat het hele gebied van de Nederrijn omvatte en zich ten opzichte van het aartsbisdom Keulen een zekere zelfstandigheid kon permitteren. Het stift beheerde bijvoorbeeld het vermogen zelf en de verkiezing van een proost gebeurde vrijwel buiten het bisdom om. Ook genoot het stift een zekere immuniteit ten opzichte van de stad Xanten binnen de eigen claustrale singel. Eeuwenlang behield het stift deze gedeeltelijke autonomie, waarbij de rechtspraak in handen was van de proost. In 1802 werd het stift onder de Franse bezetting door Napoleon Bonaparte geseculariseerd. Op het domplein werd een obelisk ter ere van Cornelis de Pauw opgericht. Van 1857-1868 werden omvangrijke renovaties uitgevoerd, o.a. met behulp van een sinds 1849 opgerichte domvereniging.
Tegen het einde van de Tweede Wereldoorlog werd de dom tijdens geallieerde luchtaanvallen getroffen door bommen en zeer zwaar beschadigd. De inrichting van de dom, waaronder de ramen, was gelukkig tijdig verwijderd. In enkele uren veranderde het eeuwenoude gebouw in een ruïne. De verwoestingen waren zo ernstig, dat aanvankelijk gedacht werd aan sloop. De domvereniging wist echter, in samenwerking met prof. Walter Bader, de "redder van de dom van Xanten", de afbraak te verhinderen en stelde een herbouwplan op. In de zomer van 1948 werd in het westelijke deel van het schip een noodkerk ingericht waar de eerste missen konden worden gevierd. De herbouw van de dom duurde 19 jaar en werd in 1966 voltooid. Tot in detail werd het gebouw zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat teruggebracht.
In 1966 werd de crypte onder de dom vergroot ten behoeve van de bijzetting van slachtoffers van het nationaalsocialisme. In de crypte bevinden zich urnen met as uit de concentratiekampen Auschwitz, Bergen-Belsen en Dachau. Ook bevinden zich hier de graven van de rooms-katholieke martelaren Heinz Bello (een 24-jarige soldaat die wegens antinazistische opmerkingen op 29 juni 1944 werd terechtgesteld), Karl Leisner (een wegens zijn kritiek op de nazi's door de Gestapo gearresteerde en na de bevrijding van Dachau aan uitputting en ziekte bezweken priester) en Gerhard Storm (een in Dachau gestorven priester). Herinneringsvoorwerpen, gedenkplaten en urnen met as gedenken Wilhelm Frede (een in Sachsenhausen omgekomen Duitse diplomaat in dienst van het Nederlandse consulaat), Nicolaas Gross (een geëxecuteerde rooms-katholieke verzetsman) en Johannes Maria Verweyen (een in Bergen-Belsen gestorven Duitse filosoof/theosoof). Op 28 januari 2006 werd een relikwie van bisschop Clemens August von Galen, bekend als de Leeuw van Münster wegens zijn felle preken tegen het nationaalsocialisme, naar de crypte overgebracht.

De inrichting van de kerk is voor een groot deel oorspronkelijk en werd na de Tweede Wereldoorlog deels gerestaureerd. De dom heeft meer dan twintig altaren. Bezienswaardig zijn met name: