| Edda Ciano | ||||
|---|---|---|---|---|
| Algemene informatie | ||||
| Volledige naam | Edda Ciano | |||
| Geboren | 1 september 1910 Forlì | |||
| Overleden | 8 april 1995 Rome | |||
| Nationaliteit | Italiaanse | |||
| Geboorteland | ||||
| Bekend van | dochter van Benito Mussolini | |||
| Familie | ||||
| Partner | Galeazzo Ciano (1930-1944) | |||
| Vader | Benito Mussolini | |||
| Moeder | Rachele Mussolini | |||
| Kinderen | Fabrizio Ciano, Marzio Ciano | |||
| ||||
Edda Ciano (Forlì, 1 september 1910 - Rome, 8 april1995) was een dochter van de Italiaanse fascistische dictator Benito Mussolini.
Edda Ciano was de oudste van vijf kinderen uit het huwelijk van Benito Mussolini en Rachele Guidi. Dit was het tweede huwelijk van Mussolini en op het moment van haar geboorte waren haar ouders nog niet gehuwd. Ze trouwde in 1930 met Galeazzo Ciano en ze kregen drie kinderen. Beide echtelieden hadden buitenechtelijke relaties. Het echtpaar verbleef tot 1932 in Shanghai omdat haar man daar Italiaans ambassadeur was. Hij was minister van Buitenlandse Zaken tijdens de fascistische regering van 1936 tot 1943.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Edda vrijwilliger bij het Italiaanse Rode Kruis. Op 9 januari 1944 vluchtte ze naar Zwitserland, waar haar kinderen reeds verbleven. Op 10 januari 1944 werd haar echtgenoot in Verona door het fascistische regime in een showproces veroordeeld tot de doodstraf en de volgende dag geëxecuteerd.
De Zwitserse Bondsraad verleende haar politiek asiel, maar onder de verplichting om onder streng toezicht te leven, eerst in het klooster van Ingenbohl en daarna in een psychiatrische kliniek in de buurt van Monthey. Na afspraken tussen de Zwitserse autoriteiten en de geallieerden, die haar veiligheid garandeerden, werd ze overgedragen aan de militaire bezettingsautoriteiten van Italië in de nacht van 29 op 30 augustus 1945. Terug in Italië werd ze opgepakt maar het jaar daarop kwam ze vrij in het kader van een amnestieregeling.
De rest van haar leven verbleef Ciano in Rome en op Capri. Ze stierf op 84-jarige leeftijd en werd begraven in Livorno op het Cimitero della Purificazione.
Tijdens haar verblijf in Zwitserland redigeerde ze de dagboeken van haar echtgenoot met het oog op een uitgave. Na haar dood, in 1998, werd haar autobiografie uitgegeven onder de titel La mia vita.