In Frankrijk wordt het spoorvervoer gekenmerkt door een duidelijke overheersing van het passagiersverkeer (vooral gericht op hogesnelheidstreinen), vergeleken met het vrachtverkeer.

De Franse reizigerstreinen zijn onder te verdelen in:
Anno 2024 heeft vervoersmaatschappij SNCF in alle drie deze takken wel een historisch overwicht, maar geen wettelijk monopolie meer.
Het Franse treinverkeer wordt gekenmerkt door een aantal afwijkende eigenschappen in vergelijking met haar buurlanden en vergelijkbare landen:
De regio's van Frankrijk (12 op het vasteland) organiseren en subsidiëren het treinverkeer van regionaal belang, in de eerste plaats binnen hun regio, en daarnaast ook regio-overschrijdend in samenwerking met een of meerdere buurregio's.
Deze treinen heten meestal Train Express Regional (TER), of Transilien indien georganiseerd door Île-de-France (de regio van de hoofdstad Parijs). Veel regio's organiseren ook regionaal treinverkeer vanuit hun regio tot aan de hoofdstad Parijs. Het gaat steeds om treinen op klassiek spoor (zowel intercity, voorstadstreinen als stoptreinen), met als enige uitzondering de TER GV die in de regio Hauts-de-France rijdt op de hogesnelheidslijn).
De vervoerder van deze regionale treinen is meestal de SNCF. Haar concurrent Transdev neemt vanaf de zomer van 2025 bepaalde TER-lijnen over, een primeur in Frankrijk. De smalspoorlijn van de Chemins de fer de Provence werd al eerder gereden door onafhankelijke vervoerders. Transdev reed ook al op twee lokale spoorlijnen in Bretagne als pachter in onderaanneming van de SNCF.
Deze treinen heten officieel Train d'équilibre du Territoire (TET). Ze worden onder de merknaam Intercités gereden door spoorvervoerder SNCF in opdracht van de Franse staat.. Het gaat om treinen op klassiek spoor die rijden op verbindingen waar geen hogesnelheidslijn ligt: dagtreinen maar ook nachttreinen (Intercités de nuit) tussen Paris-Austerlitz en een aantal bestemmingen in het zuiden van Frankrijk.
De SNCF is hier de marktleider (ook na het openen voor concurrentie), en rijdt op eigen initiatief zowel reguliere hogesnelheidstreinen (TGV inOui) als de lagekostenvariant Ouigo (Grande Vitesse). Op een aantal klassieke spoorlijnen, van Parijs naar Nantes, Rennes en Brussel, rijdt de SNCF ook op eigen initiatief klassieke treinen onder het merk Ouigo Train Classique, die daar een alternatief vormen voor hogesnelheidstreinen en andere concurrentie zoals langeafstandsbussen.
Twee andere nationale spoorwegmaatschappijen voeren op een aantal hogesnelheidslijnen een concurrentiestrijd met de SNCF: Trenitalia met de Frecciarossa op de lijn Parijs - Lyon - Turijn en het Spaanse Renfe met haar AVE op de lijn Parijs - Lyon - Barcelona.
Sinds december 2025 is er in Frankrijk opnieuw een private spoorvervoerder actief die onafhankelijk is van staatsspoorwegen: Travelski laat een wintersport-nachttrein rijden door Pegasus Trains en met Europe Express als vervoerder.
Een aantal andere start-ups heeft aangekondigd de binnenlandse concurrentie aan te gaan op hogesnelheidslijnen
Daarvan heeft Proxima, met merknaam Velvet, in 2024 een vaste bestelling geplaatst bij Alstom voor 12 Avelia Horizon-treinstellen tegen 2028, waarvan het eerste exemplaar in 2025 gemaakt werd, in de Velvet-kleuren.
In augustus 2026 verkreeg Velvet in Frankrijk een licentie als spooronderneming.
Het openen voor concurrentie houdt als belangrijk aspect in dat er ook opstel- en onderhoudscapaciteit moet zijn. De voormalige monopolist SNCF is (gelijkaardig als in andere landen) niet geneigd zijn werkplaatsen open te stellen.
Bij de enige Franse hogesnelheidslijn die onafhankelijk beheerd wordt, de hogesnelheidslijn Sud Europe Atlantique, wordt door infrastructuurbeheerder Lisea vanaf 2025 in Marcheprime een onafhankelijke onderhoudswerkplaats gebouwd voor gebruik door Velvet.
Ook de start-ups Le Train en Kevin Speed, met merknaam Ilisto, hebben al akkoorden gesloten met de bedoeling hogesnelheidstreinen in open toegang te rijden.
De volgende hogesnelheidsdiensten worden gereden door SNCF (of dochterondernemingen), soms in samenwerking met spoorvervoerders uit de betreffende buurlanden:
De volgende internationale hogesnelheidsdiensten concurreren met de SNCF:
Ook zijn er lokale grensoverschrijdende diensten.
De Belgische binnenlandse treinen van de NMBS rijden grensoverschrijdend door tot Lille en Aulnoye, en zijn in Frankrijk geclassificeerd als TER.
Er rijdt ook een trein van de twee nationale spoorvervoerders in open toegang op klassiek spoor, de Ouigo Brussel - Parijs.