| Geel boomzonnetje | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Athallia cerinelloides (Erichsen) Arup, Frödén & Søchting (2013) | ||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||
| ||||||||||||
| ||||||||||||
Geel boomzonnetje (Athallia cerinelloides) is een korstmossoort uit de familie Teloschistaceae. Het leeft in symbiose met de alg Pseudotrebouxia.
Geel boomzonnetje is een korstvormig korstmos. Het thallus is onduidelijk zichtbaar, grijs, en met zeer kleine, dichtopeenstaande citroengele apotheciën met grijzige rand. De ascus bevat acht ascosporen. Alleen met zekerheid te determineren na microscopische controle.
Geel boomzonnetje lijkt op klein boomzonnetje (Athallia cerinelloides), die 12–16 sporen per ascus heeft.
Geel boomzonnetje is een epifytische pioniersoort die voorkomt op gladde, eutrofe schors van loofbomen. Het gaat om de takken bomen met gladde schors in bijzonder: populier, vlier en es.
Het verspreidingsgebied van geel boomzonnetje strekt zich uit over het noordelijk halfrond (Eurazië). In Nederland is de soort zeer zeldzaam en staat op de Nederlandse Rode Lijst met als status 'verdwenen'.