| Gertrudis van Nijvel | ||||
|---|---|---|---|---|
Gertrudis van Nijvel | ||||
| Algemene informatie | ||||
| Geboortedatum | 626 | |||
| Geboorteplaats | Landen | |||
| Overlijdensdatum | 17 maart 659 | |||
| Overlijdensplaats | Nijvel | |||
| Begraafplaats | Sint-Gertrudiskerk | |||
| Werk | ||||
| Beroep | kloosterzuster | |||
| Functies | Abdis van Nivelles | |||
| Religie | ||||
| Religie | Rooms-Katholieke Kerk | |||
| Kloosterorde | benedictijnen | |||
| Heiligheid | heilige | |||
| Feestdag | 17 maart, 30 september | |||
| Familie | ||||
| Familie | Pepiniden | |||
| Vader | Pepijn van Landen | |||
| Moeder | Ida van Nijvel | |||
| Broers en zussen | Grimoald I, Begga, Bavo van Gent | |||
| ||||

Gertrudis van Nijvel (Landen, 626 - Nijvel, 17 maart 659), ook Geertrui of Gertrud, was een vroeg-middeleeuwse heilige en abdis. Ze is geboren in Landen (thans Vlaams-Brabant en overleed in Nijvel, nu Waals-Brabant), en groeide uit tot een van de belangrijke heiligen in het noorden van Gallië. Zij verbond de Pepiniden en later de Karolingen met het sacrale.
Gertrudis werd geboren als dochter van Pepijn van Landen, hofmeier van de koningen van Austrasië. Haar moeder was de heilige Ida van Nijvel en ze is een zuster van de heilige Begga. Gertrudis ontving een zeer devote en strenge opvoeding, ondanks haar adellijke afkomst. Al op jonge leeftijd had zij het voornemen om haar maagdelijkheid in dienst van God te stellen. Tijdens een feest bij koning Dagobert I werd zij door een prins ten huwelijk gevraagd, maar zij weigerde met de woorden: "Ik heb als bruidegom gekozen de eeuwige schoonheid die de oorsprong is van de schoonheid van alle schepselen. Hij die oneindig veel rijkdommen bezit en door de engelen wordt aanbeden."
In 640 stichtte haar moeder, inmiddels weduwe, de grote abdij van Nijvel, waar de zusters de cisterciënzerregel naleefden. Gertrudis trad toe tot de abdij en werd op zeer jonge leeftijd, op 20-jarige leeftijd, door het kapittel tot abdis verkozen. De jonge abdis legde al snel de nadruk op de cisterciënzer discipline binnen haar abdij. Haar levenswijze werd een bron van inspiratie voor andere zusters: zij handhaafde de monastieke tucht en haar gezag strekte zich uit voorbij de grenzen van de abdij van Nijvel.
Haar heiligheid wordt als volgt verwoord: "Men zegt van haar dat ze ijverig was en voorzichtig en veel bewondering kreeg van de zusters. Ze bad veel en bracht dagen vastend door. Ook studeerde ze veel in de Heilige Schrift en liet daartoe boeken uit Rome komen. Overigens leefde zij in de grootste armoede en geeft alles wat ze heeft aan de armen, weduwen en wezen. Ook stichtte ze veel kerken ter ere van de heiligen."
Tijdens haar geestelijke oefeningen voor het altaar werden verschillende mystieke openbaringen geregistreerd. Zo daalde een vlam uit de hemel neer boven haar hoofd, die de gehele abdijkerk verlichtte. Volledig verzwakt door haar strenge vasten en waakzaamheid, droeg zij op 30-jarige leeftijd het ambt van abdis over aan haar nicht, Wilfetrudis.
Ze bereidde zich voor op haar naderende dood, maar bleef onvermoeibaar in haar vastenpraktijk en droeg altijd een ruw boetekleed, waarin zij ook verlangde begraven te worden. De dag voor haar overlijden deelde haar geestelijke begeleider haar mee dat zij de volgende dag door de engelen van God voor Zijn troon zou worden gebracht. Dit bleek te gebeuren zoals voorspeld: ze overleed in volledig bewustzijn en stierf op de jonge leeftijd van amper 33 jaar.
Haar feest wordt in de Latijnse ritus gevierd op haar sterfdag, 17 maart. Een relikwie van Gertrudis wordt bewaard en vereerd in de Sint-Amanduskerk te Wezeren in Vlaams-Brabant.


Gertrudis liet een diepe indruk achter op de geschiedenis van het kloosterleven, waardoor het vernoemen van lokale kerken naar haar werd gezien als een manier om haar blijvende spirituele invloed te erkennen en te behouden. Zowel in België als Nederland zijn er dan ook vele kerken die aan St. Gertrudis zijn gewijd: zie Sint-Gertrudiskerk.
De iconografie van Gertrudis toont haar vaak met de volgende symbolen: een abdijkerk, een cisterziensergewaad, een staf, een drinkbeker, muizen en een kat. Het laatstgenoemde symbool, afkomstig uit een seculiere context, heeft zich vooral sinds het einde van de jaren negentig via het internet verspreid.[bron?]
Gertrudis werd onder meer aanroepen als beschermheilige door reizigers en pelgrims. Die dronken bij vertrek de 'Gertrudisminne' op een behouden reis.
Bronnen
Referenties