Geising

Geising
Stadsdeel in Duitsland Vlag van Duitsland
Wapen van Geising
Geising (Saksen)
Geising
Situering
Deelstaat Vlag van de Duitse deelstaat Saksen Saksen
Landkreis Sächsische Schweiz-Osterzgebirge
Coördinaten 50° 45′ NB, 13° 47′ OL
Algemeen
Oppervlakte 56 km²
Hoogte 599 m
Overig
Website Officiële website
Foto's
Gezicht op Geising vanaf de ten zuiden ervan gelegen berg Kohlhaukuppe
Gezicht op Geising vanaf de ten zuiden ervan gelegen berg Kohlhaukuppe
Portaal  Portaalicoon   Duitsland

Geising is een stadje en voormalige gemeente in de Duitse deelstaat Saksen en maakt sinds 2011 deel uit van de gemeente Altenberg in het district Sächsische Schweiz-Osterzgebirge. Het ligt ten oosten van de hoofdplaats Altenberg, in het Ertsgebergte.

Infrastructuur

Zie ook: Altenberg (Saksen). De grootste verkeersader is de B 170 die door Altenberg loopt, 4 km ten westen van Geising. De dichtstbijzijnde aansluiting op het Autobahnennet is Autobahn A 17 afrit 8 Bad Gottleuba, meer dan 20 km ten noordoosten van Geising.

Geising en Lauenstein hebben beide een klein spoorwegstation aan de Müglitztalbahn (Altenberg- Heidenau). Voor het overige is de openbaar vervoergebruiker op streekbussen aangewezen, waarvan de meeste alleen op werkdagen in de spitsuren rijden.

(Voormalige) stadsdelen

Altgeising en Neugeising, later samengegroeid tot één stadje Geising, met eind 2021 bijna 1.200 inwoners, was tot aan de gemeentelijke herindeling van 1 januari 2011 een aparte gemeente, waartoe ook de vijf hieronder kort beschreven dorpen en stadjes behoorden. In 2011 werden Geising, Lauenstein, Fürstenau, Fürstenwalde, Liebenau, en Löwenhain onderdelen van Altenberg (Saksen). Geising en Lauenstein kregen de status Stadtteil, de andere vier plaatsjes, evenals de Fürstenauer gehuchten Gottgetreu, Müglitz en Rudolphsdorf, en het gehucht Kratzhammer, werden 8 Ortsteile van Altenberg. In april 2022 verloren Rudolphsdorf en Kratzhammer de status van Ortsteil.

Geising is waarschijnlijk naar de ruim 820 meter hoge Geisingberg in het Ertsgebergte genoemd. De naam van deze berg heeft zijn oorsprong in het begrip gieten, wat zowel op tin gieten als op de vaak overvloedige regenval kan slaan. Geising ontstond als mijnbouwnederzetting. hier werden tin-, ijzer- en zilvererts gedolven. Aan de beken ontstonden ook hamermolens, waar smeden het gedolven metaalerts verder verwerkten. Aan de westelijke oever van de snel stromende beek Geisingbach ontstond in de heerlijkheid Bärenstein Altgeising, dat in 1453 stadsrechten verkreeg, en aan de oostkant van deze beek werd in 1462 in opdracht van de heren van Lauenstein en met toestemming van keurvorst Frederik II van Saksen een stadje Neugeising gesticht. De grens tussen Bärenstein en Lauenstein liep in het verleden dwars door Geising, dat dus lange tijd een dubbelstadje was. In de 19e eeuw fuseerden de twee stadjes tot Geising. In de DDR-tijd was Geising in de jaren 1950 een wintersportoord. Ten gerieve van het zomertoerisme werd in 1954 een kunstmatige waterval aangelegd, de Tiefenbach-Wasserfall.

Economie

Geising en omgeving leven nagenoeg uitsluitend van het toerisme.

Bezienswaardigheden

Afbeeldingen

Belangrijke personen in relatie tot Geising

Partnergemeentes

Zie de categorie Geising van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.