
De GE/McKinsey-matrix is een in de jaren zeventig ontwikkelde portfolio-analysematrix voor bedrijfsunits. Ze is door McKinsey & Company ontwikkeld, als onderdeel van een consultingopdracht voor General Electric. In de praktijk wordt vrijwel altijd de toevoeging "McKinsey" achterwege gelaten en slechts gerefereerd aan de General Electric-Matrix.
De matrix bestaat uit negen cellen. Er zijn twee assen, (1) aantrekkelijkheid van de bedrijfstak, en (2) de competentie van de bedrijfseenheid. Beide assen zijn in drie categorieën (hoog, gemiddeld, laag) ingedeeld.
Een bedrijfseenheid wordt door middel van cirkels op de matrix geplaatst. Drie variabelen bepalen de representatie van de bedrijfseenheid:
De GE/McKinsey-matrix onderscheidt drie strategieën die op basis van de matrix aangeraden kunnen worden:
De matrix heeft met de BCG-matrix gemeen dat ze kijkt naar de industrie van de bedrijfseenheid en het succes van de bedrijfseenheid. Er zijn echter twee belangrijke verschillen: