
Hans Ernst (Castricum, 4 januari 1947 - Zandvoort, 20 juni 2019) was een Nederlands autocoureur en ook enkele jaren voorzitter/eigenaar van het Circuit Zandvoort.
Vader was boekhouder bij een opticien. Het zag er niet naar uit dat Hans in de racesport zou belanden; hij wilde als jongen priester worden. Hij kreeg daartoe les aan het kleinseminarie. Dat liep goed tot aan zijn zestiende, toen hij brommers en meisjes (of meisjes en brommers) ontdekte. Hij trad in de voetsporen van zijn vader en kon in zijn beroep als opticien zijn interesses kwijt: techniek en commercie in combinatie met medisch handelen. Hij startte een opticien in de winkel Wastoria en bouwde dat langzaam uit tot een keten van circa vijftien winkels, voornamelijk in Noord-Holland.
Zijn geschiedenis binnen de racesport begon in de jaren zeventig als amateurrijder in een Mini Cooper gevolgd door Hillman Imp en Volkswagen Scirocco. Hij reed daarmee in de Toerwagenkampioenschappen. Het decennium daarop reed hij in de Sports 2000-ritten. Hij was er collega van Huib Onderstal, Ton Nachtegeller en Charles Zwolsman. Hij nam plaats in het bestuur van de Nederlandse Autosport Vereniging (NAV), die hem afvaardigde naar de Gemeente Zandvoort, die een stichting had opgericht voor beheer van het Circuit Zandvoort. Dit zette in 1988 door naar het directeurschap van het circuit; het zou oorspronkelijk om een tijdelijke functie van twee jaar gaan, maar werd al snel een permanente (25 jaar). Zijn eerste werk lag het verkorten van het circuit in de tijd dat Grandorado grond had afgesnoept voor hun vakantiepark. Op dat kortere traject konden liefhebbers van de racesport zich blijven inspannen; via circuitracerij, toerwagenkampioenschappen, merkraces leidde dat tot Formule 3-racen in 1990. Het circuit werd opgenomen in de internationale agenda. In die tijd wist hij alle aandelen te bemachtigen. Ondertussen bleef Ernst werken aan een modernisering van het circuit zodat het aan die eisen bleef voldoen.
In de jaren tien van de 21e eeuw begon Ernst te kwakkelen, waardoor hij zich genoodzaakt zag terug te treden als eigenaar en voorzitter. Hij droomde toen wel al van het terughalen van de Formule-1-races, iets wat hij zou delen met Prins Bernhard en Menno de Jong. Hij verkocht het circuit uiteindelijk in 2016. Zijn achteruitgaande gezondheid was terug te zien in zijn steeds schaarser wordende bezoeken aan “zijn circuit”.
Hij overleed op 72-jarige leeftijd; reuma, diabetes mellitus, hartfalen en longontsteking werden hem fataal. Hij liet zijn vrouw Ifong Chi (ook betrokken bij het circuit en de gemeente Zandvoort) en dochter achter. Voordat het circuit weer opgenomen werd in het Formule 1-circuit werd er een bocht naar hem vernoemd (Hans Ernst chicane)