Julien Davignon

Julien Davignon

Henri François Julien Claude burggraaf Davignon (Sint-Joost-ten-Node, 3 december 1854 - Nice, 12 maart 1916) was een Belgisch politicus voor de Katholieke Partij.

Biografie

Familie

Julien Davignon was een zoon van Henri-Eugène Davignon (1817-1868) en Caroline-Agathe Millot (1823-1893). Zijn grootvader was Gilles Davignon, industrieel, schepen van Lambermont, provincieraadslid van Luik, volksvertegenwoordiger en lid van het Nationaal Congres.

Hij trouwde in 1878 in Brussel met Hélène Calmeyn (1858-1934), dochter van Pierre Calmeyn, advocaat en volksvertegenwoordiger. Ze kregen twee zoons en drie dochters.

Op 11 maart 1916, daags voor zijn dood, werd hij opgenomen in de erfelijke adel met de titel van burggraaf overdraagbaar op al zijn nakomelingen. Deze verheffing werd bevestigd op 15 november 1919 in open brieven toegekend aan zijn weduwe.

Loopbaan

Beroepshalve was Davignon doctor in de rechten en eigenaar.

Hij was een groot voorstander van de katholieke zienswijzen. Vanaf 1879 - begin van de schoolstrijd - was hij secretaris en penningmeester van het Centraal Comité van de vrije scholen in Brussel. Hij was vervolgens secretaris-generaal van de Congressen van Mechelen in 1889 en 1890. Hij was ook vicevoorzitter van het boerensyndicaat van het arrondissement Verviers.

Davignon was senator voor het arrondissement Verviers (1898-1900) en vervolgens volksvertegenwoordiger (1900-1916). Hij was minister van Buitenlandse Zaken van mei 1907 tot januari 1916 in de regering-De Trooz. Van die datum tot aan zijn dood was hij nog minister zonder portefeuille. Hij overleed in Nice in maart 1916.

Publicaties

Literatuur

Voorganger:
Paul de Favereau
Minister van Buitenlandse Zaken
1907-1916
Opvolger:
Eugène Beyens
Minister zonder portefeuille
1916