Mandarijnkorst

Mandarijnkorst
Taxonomische indeling
Rijk:Fungi (Schimmels)
Stam:Ascomycota (zakjeszwammen)
Klasse:Lecanoromycetes
Onderklasse:Lecanoromycetidae
Orde:Teloschistales
Familie:Teloschistaceae
Geslacht:Flavoplaca
Soort
Flavoplaca dichroa
(Arup) Arup, Frödén & Søchting (2013)
Synoniemen

Caloplaca dichroa

Mandarijnkorst op Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Schimmels

Mandarijnkorst (Flavoplaca dichroa) is een korstmossoort uit de familie Teloschistaceae. Het is een steenbewonend, korstvormig korstmos dat wordt gekenmerkt door een geel tot oranje thallus met korrelige uitgroeisels. De gele en oranje kleurvormen kunnen naast elkaar voorkomen. De soort leeft in symbiose met een groene alg uit het geslacht Pseudotrebouxia.

Taxonomie

De soort werd in 2006 door de Zweedse lichenoloog Ulf Arup beschreven onder de naam Caloplaca dichroa. Hij onderscheidde de soort bij een taxonomische herziening van de Caloplaca citrina-groep, waarbij zowel morfologische en anatomische kenmerken als DNA-gegevens werden onderzocht.

In 2013 werd de soort door Arup, Frödén en Søchting overgebracht naar het geslacht Flavoplaca. Deze wijziging maakte deel uit van een uitgebreide herziening van de familie Teloschistaceae op basis van moleculair-fylogenetisch onderzoek.

De naam Caloplaca coronata werd in de Britse literatuur vroeger ook voor mandarijnkorst gebruikt. Dit betreft echter een verkeerde toepassing van die naam (Caloplaca coronata auct. brit.). De eigenlijke Flavoplaca coronata is een afzonderlijke soort.

Determinatie

Uiterlijke kenmerken

Thallus

Het thallus is korstvormig, dun en geel tot oranje, soms met een roodachtige tint. De gele en oranje kleurvormen kunnen samen voorkomen, waardoor een mozaïekachtig patroon ontstaat. Het thallus is verdeeld in vlakke tot bolle areolen, die gewoonlijk 0,3–0,9 mm breed zijn en door scheurtjes van elkaar worden gescheiden. De areolen zijn ongeveer 80–155 µm dik, met uitschieters tot circa 210 µm.

Het oppervlak is bedekt met talrijke kleine, korrelvormige uitgroeisels, zogenaamde blastidiën, die doorgaans 30–60 µm in diameter meten. Deze kunnen uiteenvallen tot sorediën, waardoor het thallus een grofkorrelig tot poederachtig uiterlijk krijgt. De blastidiën kunnen op isidiën lijken, maar zijn anders opgebouwd. Aan de rand is het thallus doorgaans niet duidelijk gelobd.

Apotheciën

De apotheciën zijn niet altijd aanwezig. Volgens de Nederlandse Verspreidingsatlas worden ze zelden aangetroffen, terwijl Britse en andere Europese beschrijvingen ze als regelmatig tot vaak aanwezig vermelden.

De apotheciën zijn doorgaans 0,3–1,0 mm in diameter en hebben een gele tot oranje kleur. Ze zijn zittend, aan de basis iets ingesnoerd en rond tot onregelmatig van vorm. De schijf is aanvankelijk vlak of licht hol en kan later enigszins bol worden. Het oppervlak is niet berijpt. De rand is vaak wat onregelmatig of gekarteld en kan korrelige uitgroeisels dragen. De thallusrand is meestal duidelijk ontwikkeld.

Microscopische kenmerken

De asci zijn cilindrisch tot knotsvormig en bevatten elk acht ascosporen. Ze behoren tot het Teloschistes-type en vertonen aan de top een blauwe reactie met jodiumhoudende reagentia.

De ascosporen zijn hyaliene (kleurloos), ellipsoïde en tweecellig. Ze zijn van het polariloculaire type en meten 11–16(–17) × 6–9 µm. De centrale verdikking is ongeveer 2,5–4,5 µm breed. De sporenwand is opvallend dik, ongeveer 2 µm. Hierdoor zijn de beide celholten relatief klein en vaak bolvormig of zandlopervormig. Dit is een belangrijk microscopisch determinatiekenmerk.

Het hymenium is kleurloos en ongeveer 70–80 µm hoog. De parafysen zijn eenvoudig of weinig vertakt en aan de uiteinden verdikt tot ongeveer 5–6 µm. Het epithecium is geelbruin tot oranje en kleurt bij toevoeging van kaliumhydroxide paarsrood.

De pycnidiën zijn geeloranje. De daarin gevormde conidiën zijn ongeveer 2–3 × 1 µm groot.

Kleurreacties

Mandarijnkorst vertoont de volgende kleurreacties:

De K-reactie treedt zowel in het thallus als in de apotheciën op. De voornaamste korstmosstof is parietine, een oranjegeel pigment uit de groep van de antrachinonen. Daarnaast zijn onder andere emodine, fallacinal, teloschistine en parietinezuur aangetoond.

Gelijkende soorten

Mandarijnkorst kan worden verward met verschillende andere soorten uit het geslacht Flavoplaca, die vroeger gedeeltelijk tot de Caloplaca citrina-groep werden gerekend.

De combinatie van twee kleurvormen, korrelige blastidiën en relatief dikwandige ascosporen met zandlopervormige celholten is kenmerkend voor mandarijnkorst.

Ecologie

Mandarijnkorst groeit epilitisch op steenachtige, meestal kalkhoudende substraten. De soort wordt gevonden op kalksteen, kalkhoudende zandsteen, oude muren en grafstenen. Ook baksteen onder invloed van kalkrijke metselmortel kan als substraat dienen. Minder vaak groeit de soort op beton en cement.

De soort heeft een voorkeur voor open, zonnige en betrekkelijk droge standplaatsen. Hij is nitrofiel en profiteert van voedselrijke omstandigheden. Vooral horizontale oppervlakken van oude muren en grafstenen vormen geschikte groeiplaatsen. Ook op blootgestelde kalkrotsen komt de soort voor.

Mandarijnkorst kan samen voorkomen met andere kalkminnende korstmossen, waaronder zwarte stippelkorst (Hydropunctaria nigrescens).

De soort verspreidt zich vegetatief door middel van blastidiën en sorediën. Wanneer apotheciën aanwezig zijn, kan daarnaast seksuele voortplanting plaatsvinden via ascosporen.

Mandarijnkorst is ook gemeld als gastheer van het lichenicole korstmos Verrucula helvetica, dat op de thalli van andere korstmossen groeit.

Verspreiding

Mandarijnkorst komt voor in verschillende delen van Europa, waaronder Nederland, België, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië en Ierland. De soort is ook bekend uit berggebieden in Midden- en Zuid-Europa. Het verspreidingsgebied is nog niet volledig in kaart gebracht, mede doordat de soort in het verleden met andere citroenkorsten werd verward.

Volgens de Nederlandse Verspreidingsatlas heeft de soort een gematigd-mediterraan Europees areaal en een Euraziatische verspreiding op het noordelijk halfrond.

Nederland

In Nederland is mandarijnkorst vrij algemeen. De soort wordt vooral aangetroffen op oude kalkhoudende muren en grafstenen, onder andere op begraafplaatsen. Hij staat op de Nederlandse Rode Lijst in de categorie 'thans niet bedreigd'.