Meno mosso (Italiaans voor minder beweging) is de muziekterm waarmee gewoonlijk een vertraging van het tempo van de te spelen of te zingen muziek wordt aangeduid.
Een meno mosso-passage wordt doorgaans in langzamer tempo uitgevoerd dan de voorgaande passage. De term kan echter ook betrekking hebben op de beweeglijkheid zelf, zonder dat daarbij het tempo lager wordt. De 'beweeglijkheid' kan bijvoorbeeld tot uiting komen in minder tonen per teleenheid, het invoeren van tragere notenwaarden (bijvoorbeeld duolen in stukken met louter achtste noten), het toepassen van rubato, of het toepassen van minder dynamiek. Ook de orkestratie kan van invloed zijn op de ervaring van het meno mosso.
De term wordt pas vanaf de muziek uit de klassieke periode veelvuldig gebruikt. Vooral in werken uit de romantiek komt de aanduiding veelvuldig voor. De tegenhanger is più mosso.