
Een peilschaalput (ook: peilput) is een civiel‑technische constructie die wordt gebruikt voor het nauwkeurig meten van de waterstand in oppervlaktewater. De put vormt een beschutte meetlocatie waarin een peilschaal of automatische sensor is geplaatst. Peilschaalputten worden toegepast door waterbeheerders zoals waterschappen en Rijkswaterstaat voor monitoring, beheer en onderzoek van waterstanden.
Het doel van een peilschaalput is het verkrijgen van stabiele en betrouwbare waterstandsmetingen. In open water kunnen golven, wind, stroming en drijvend materiaal de aflezing verstoren. Door het water via een smalle opening of buis in een afgesloten put te laten instromen, ontstaat een gedempt waterniveau dat representatief is voor de werkelijke waterstand.
Peilschaalputten worden gebruikt voor:
Een peilschaalput bestaat doorgaans uit:
De instroomopening is vaak voorzien van een rooster of filter om verstopping door slib of begroeiing te voorkomen.
Traditioneel wordt een peilschaalput uitgerust met een gegradueerde peilschaal waarop de waterstand direct kan worden afgelezen.
Moderne peilschaalputten bevatten sensoren die:
Hiermee is continue monitoring mogelijk, vaak met intervallen van enkele minuten.
In Nederland zijn peilschaalputten een standaardinstrument binnen het waterbeheer. Waterschappen gebruiken ze voor het handhaven van streefpeilen, monitoring van waterveiligheid en ondersteuning van beslissingen over bemaling en sturing. Ze komen voor langs sloten, vaarten, kanalen, boezemsystemen en stedelijke waterstructuren.
Regelmatig onderhoud is noodzakelijk om betrouwbare metingen te garanderen. Dit omvat:
Bronnen