| Philippe Monfils | ||||
|---|---|---|---|---|
| Geboortedatum | 4 januari 1939 | |||
| Geboorteplaats | Luik | |||
| Regio | ||||
| Land | ||||
| Partij | PRL | |||
| 2e Minister-president van de Franse Gemeenschap | ||||
| Aangetreden | 3 december 1985 | |||
| Einde termijn | 2 februari 1988 | |||
| Regering | Monfils | |||
| Voorganger | Philippe Moureaux | |||
| Opvolger | Philippe Moureaux | |||
| Franse Gemeenschapsminister van Sociale Aangelegenheden, Vorming en Toerisme | ||||
| Aangetreden | 22 december 1981 | |||
| Einde termijn | 3 december 1985 | |||
| Regering | Moureaux I | |||
| Voorganger | Geen | |||
| Opvolger | Edouard Poullet | |||
| ||||
Philippe Monfils (Luik, 4 januari 1939) is een Belgisch voormalig politicus en minister voor de liberale Mouvement Réformateur .
Monfils studeerde in 1962 af als doctor in de rechten aan de Universiteit Luik en was van 1962 tot 1968 assistent van François Perin, professor administratief recht aan deze universiteit. Vervolgens was hij van 1968 tot 1972 kabinetschef van minister van Franse Cultuur Albert Parisis, die lid was van de Franstalige christendemocratische PSC. Na de oprichting van de Franse Cultuurgemeenschap bij de eerste staatshervorming van 1970 ging Monfils van 1972 tot 1974 aan de slag als juridisch ambtenaar bij de Cultuurraad voor de Franse Cultuurgemeenschap. Daarna was hij van 1974 tot 1976 kabinetschef van François Perin, die toen minister van Institutionele Hervormingen was. In deze functie redigeerde hij samen met een aantal juristen de wetteksten van de voorlopige gewestvorming. Na het ontslag van Perin als minister was Monfils van december 1976 tot april 1977 kabinetschef van Jean Gol, staatssecretaris voor Waalse Streekeconomie.
In dezelfde periode werd Monfils politiek actief voor het Waalsgezinde Rassemblement Wallon, als penningmeester van de RW-afdeling van de stad Luik. In 1975 werd hij binnen de studiedienst van de partij verantwoordelijk voor de commissie voor institutionele en juridische problemen. Als lid van de rechtervleugel van de partij scheurde Monfils zich in december 1976 samen met François Perin en Jean Gol af van het Rassemblement Wallon en gingen ze met de Waalse liberalen van de PLPW de PRLW vormen, die in januari 1977 formeel werd opgericht en in 1979 herdoopt werd tot PRL, de voorloper van de in 2002 opgerichte MR. Toen hij nog deel uitmaakte van het RW, werd Monfils in oktober 1976 verkozen tot gemeenteraadslid van Luik, maar hij verzaakte aan het mandaat ten voordele van eerste opvolger Michel Foret, die later ook toetrad tot de liberalen. Wel zetelde hij voor de PRLW/PRL van april 1977 tot november 1981 als provincieraadslid van Luik.
Na zijn periode als kabinetschef van François Perin en Jean Gol was Philippe Monfils van 1977 tot 1980 juridisch raadgever van de Mediatheek van de Franse Gemeenschap. Daarna werd hij opnieuw kabinetschef, van mei tot oktober 1980 van staatssecretaris voor de Franse Gemeenschap Albert Demuyter en daarna van 1980 tot 1981 was hij kabinetschef van PRL-voorzitter Jean Gol. In 1978 werd hij lid van het politiek bureau van de PRL. In die periode pleitte Monfils ook vurig voor een fusie van de instellingen van het Waals Gewest en de Franse Gemeenschap, naar Vlaams voorbeeld, maar dit werd nooit gerealiseerd. Als minister-president van de Franse Gemeenschap koppelde hij met zijn coalitiepartner PSC deze fusie aan de oprichting van een zelfstandig Brussels Hoofdstedelijk Gewest, maar door de vervroegde verkiezingen van december 1987 werd geen meerderheid hiervoor gevonden. Bij de daaropvolgende staatshervormingen van 1988-1989 en 1992-1993 werd geen werk meer gemaakt van een fusie van gewest en gemeenschap.
In november 1981 werd Monfils voor het arrondissement Luik verkozen in de Kamer van volksvertegenwoordigers, waar hij zetelde tot aan de verkiezingen van oktober 1985. Daarna was hij van oktober 1985 tot mei 1995 rechtstreeks gekozen senator voor dezelfde kieskring in de Senaat. Door de toen bestaande dubbelmandaten was hij tussen 1981 en 1995 tevens automatisch lid van de Waalse Gewestraad en de Franse Gemeenschapsraad. In de regering-Moureaux I, de eerste Executieve van de Franse Gemeenschap, was Monfils van december 1981 tot november 1985 minister van Sociale Aangelegenheden, Vorming en Toerisme en daarna was hij van november 1985 tot mei 1988 minister-president van de Franse Gemeenschap, waarbij hij tevens de bevoegdheden Cultuur en Audiovisuele Media op zich nam.
Nadat de PRL op alle niveaus in de oppositie belandde, werd Monfils voltijds actief als parlementslid. In de Senaat behoorde hij van 1988 tot 1989 en van 1992 tot 1995 tot de commissie Sociale Aangelegenheden en in de Waalse Gewestraad werd hij in de legislatuur 1992-1995 lid van de commissie Technologische Ontwikkeling, Wetenschappelijk Onderzoek, Tewerkstelling en Beroepsopleiding. In de Franse Gemeenschapsraad was hij van oktober 1989 tot juni 1995 fractievoorzitter van de PRL, zetelde hij van 1988 tot 1989 in de commissies Internationale Betrekkingen en Gezondheid en Sport, van 1989 tot 1991 in de commissies Radio, Televisie en Bioscopen en Gezondheid, Sociale Zaken en Jeugdbescherming en van 1989 tot 1995 in de commissie Financiën en Algemene Zaken en was hij van maart tot oktober 1989 voorzitter van de commissie Gezondheid, Sociale Zaken en Jeugdbescherming. Hij ontpopte zich in dit parlement tot een deskundige inzake institutionele thema's, bekritiseerde de negatieve gevolgen van de financieringswet voor Franstalig België en ijverde voor een corridor tussen het Brussels Gewest en het Waalse grondgebied om het Franse taalgebied geografisch met elkaar te verbinden.
Na de eerste rechtstreekse verkiezingen voor het Waals Gewest in mei 1995 ging Monfils tot oktober 1995 voor het arrondissement Luik in het Waals Parlement en het Parlement van de Franse Gemeenschap zetelen. Van juli tot oktober 1995 werd hij als gemeenschapssenator naar de hervormde Senaat gestuurd. Hij moest hierdoor ontslag nemen uit de gemeenteraad van Luik, waar hij vanaf januari 1995 zetelde en van 2001 tot 2006 nogmaals zitting had. In de Senaat was hij lid van de commissie Institutionele Hervormingen en PRL-FDF-fractievoorzitter. Na het schielijke overlijden van Jean Gol een maand eerder nam Monfils in oktober 1995 diens zetel in het Europees Parlement in, waar hij tot aan de verkiezingen van juni 1999 deel uitmaakte van de commissie Cultuur, Jeugd, Onderwijs en Media en vanaf 1997 ook zitting had in de commissie Regionaal Beleid. Daarnaast was hij van 1995 tot 1997 plaatsvervanger in de commissie Openbare Vrijheden en Binnenlandse Zaken en van 1997 tot 1999 plaatsvervanger in de commissie Werkgelegenheid en Sociale Zaken.
Na de verkiezingen van juni 1999 keerde Monfils terug naar de Belgische nationale politiek. Tot mei 2003 was hij rechtstreeks gekozen senator, een functie die hij van juni 2007 tot juni 2010 opnieuw uitoefende. In de Senaat was hij van 1999 tot 2003 opnieuw fractievoorzitter voor zijn partij. Hij was er tevens lid van de commissies Institutionele Hervormingen (1999-2001), Justitie (2001-2003), Binnenlandse Zaken (2007-2010) en Buitenlandse Zaken en Landsverdediging (2007-2010) en woog er op verschillende belangrijke dossiers: op economisch vlak met het verbod op tabaksreclame bij wedstrijden op het racecircuit van Spa-Francorchamps, inzake de audiovisuele sector met de tax shelter voor audiovisuele producties, op ethisch en bio-ethisch niveau met de wetgeving rond euthanasie, klonen, het homohuwelijk en adoptie door homoseksuele koppels en aangaande institutionele kwesties met de verdediging van de belangen van de Franstaligen in de periode van verhoogde communautaire spanningen in België door de splitsing van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde en de Vlaamse eis om een grootschalige staatshervorming. Tussen zijn twee mandaten als rechtstreeks gekozen senator in zetelde Monfils van mei 2003 tot juni 2007 voor de provinciale kieskring Luik in de Kamer van volksvertegenwoordigers, waar hij voorzitter was van de commissie Landsverdediging en tot 2004 tevens zitting had in de commissies Buitenlandse Betrekkingen en Hervorming der Instellingen. Bij de vervroegde verkiezingen van juni 2010 besloot de inmiddels 71-jarige Monfils niet meer op te komen en bijgevolg de actieve politiek te verlaten.
Daarnaast was hij van 1988 tot 1995 en van 1999 tot 2003 plaatsvervangend afgevaardigde naar de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa en de Assemblee van de West-Europese Unie. Van deze assemblees was hij van 2003 tot 2010 tevens effectief lid. Op 26 januari 2004 werd hij benoemd tot minister van Staat, op 5 juni 2007 kreeg hij het grootkruis in de Orde van Leopold II en op 6 juni 1999 werd hij benoemd tot grootofficier in de Leopoldsorde.
| Voorganger: Philippe Moureaux |
Minister-President van de Franse Gemeenschap 1985-1988 |
Opvolger: Philippe Moureaux |