Post-painterly abstraction

Post-painterly abstraction is een term die werd gemunt door de Amerikaanse kunstcriticus Clement Greenberg als titel van een tentoonstelling in 1964 in het Los Angeles County Museum of Art. Post-painterly abstraction is te beschouwen als voorlopig eindpunt van de ontwikkeling die de abstracte schilderkunst vanaf begin van de 20e eeuw doormaakte.

Ontwikkeling van abstracte schilderkunst in de 20e eeuw

Het beginpunt van abstractie in de schilderkunst wordt wel toegeschreven aan de postimpressionist Cézanne. Vervolgens kunnen, met respect voor hun stijlverschillen, (de scholen rond) Kandinsky, Malevitsj en ten onzent Piet Mondriaan worden genoemd als grondleggers van vooral geometrische abstractie. In het 2e decennium van de 20e eeuw vormt het kubisme met duidelijke figuratieve elementen, en Picasso als belangrijkste vertegenwoordiger, een overgangsfase naar verder abstractie. In de daarop volgende decennia worden diverse ontwikkelingen in en varianten van expressionistische en abstracte kunst onderkend. In de jaren 40 en 50 vond vanuit New York het abstract expressionisme zijn weg. De grote namen uit die tijd spreken tot de verbeeldingː Willem de Kooning, Barnett Newman, Jackson Pollock, Mark Rothko. Binnen deze groep ontstaan twee hoofdstromingenː action painting en colorfieldpainting.

Post-painterly abstraction is een verzamelnaam voor het parallelle ontstaan van meer ingetogen schildervormen, in het verlengde van, maar ook als reactie op colorfield painting. Onder deze vernieuwing worden geschaard de hard-edge kunst (Ellsworth Kelly) en moderne vormen van geometrische abstractie (Frank Stella). Daarmee wordt tevens duidelijk dat kunstontwikkeling niet een doorgaande lijn is, maar teruggrijpt op eerdere varianten. Diverse kunstenaars kunnen bovendien meer dan één stroming vertegenwoordigen en zo worden sommigen tevens gerekend tot het minimalisme, dat ook als stroming onder post-painterly abstraction is te plaatsen.

De benaming 'post-painterly' verwijst naar de vernieuwing en vooral vereenvoudiging van de verftechniek en het opbrengen van de verf; vlak en duidelijk. De samenvattende stijlkenmerken zijnː strakke vormen met een helder, maar niet uitbundig kleurgebruik.