
In de meetkunde is het punt van Fermat of het punt van Torricelli of het eerste isogone centrum, de oplossing van het probleem van een punt binnen een driehoek , zo dat de totale afstand van de drie hoekpunten naar dit punt binnen de driehoek zo klein mogelijk is. Het probleem wordt zo genoemd omdat Torricelli het probleem, gesteld door Fermat, heeft opgelost. Het punt van Fermat is een driehoekscentrum en heeft kimberlingnummer . Het punt van Fermat vormt ook de oplossing van het Steinerboomprobleem met drie punten.
Deze vraag werd voorgelegd door Fermat als een uitdaging aan Torricelli. Hij loste het op ongeveer dezelfde manier op als Fermat, maar gebruikte de snijpunten van de omgeschreven cirkels van de drie gelijkzijdige driehoeken. Zijn leerling Viviani publiceerde de oplossing in 1659.

Het vinden van het punt van Fermat/Torricelli:
In het geval dat de grootste hoek van de driehoek groter is dan 120° is de oplossing het hoekpunt met die grote hoek.
Een variant van het punt van Fermat wordt gevonden door de gelijkzijdige driehoeken naar binnen toe aan de zijden te plakken. Het punt dat dan wordt verkregen wordt wel het tweede isogone centrum, kimberlingnummer , genoemd. Met uitzondering van de eerste, gelden de genoemde eigenschappen ook voor dit punt, al geldt de tweede eigenschap alleen modulo 180°.
Barycentrische coördinaten van het punt van Fermat en het tweede isogone centrum zijn
en
de + geeft het punt van Fermat.
De isogonale verwanten van het punt van Fermat en het tweede isogone centrum zijn de isodynamische punten.