Robyns en Robyns de Schneidauer is een Zuid-Nederlandse notabele en adellijke familie.
Geschiedenis
In 1729 verleende keizer Karel VI erfelijke adel aan Martin Robyns. Hij overleed zonder nageslacht.
In 1764 verleende keizerin Maria-Theresia postume adel, meer dan twintig jaar na zijn dood, aan Pierre Robyns, in de persoon van zijn weduwe Anne-Marie de Heze, voor haar en hun vijf kinderen.
Genealogie
Pierre Robyns (1693-1741), x Anne-Marie de Heze (1711-1774)
Charles Robyns (1737-1800), x Catherine de Leeu (1749-1784)
Jean-Baptiste Robyn (1778-1822), x Marie-Thérèse Everaert (1774-1854)
Edouard Robyns (1798-1855), x Jeanne Verbrugghen (° 1808)
Prosper Robyns (zie hierna)
Louis Robyns (1740-1814), advocaat bij de Raad van Brabant, x Marie-Isabelle de Vos (1742-1775)
Jean-Baptiste Robyns (zie hierna)
Prosper Robyns
Edouard Jean Prosper Robyns (Groot-Bijgaarden, 5 juli 1832 - Oostende, 20 november 1906) verkreeg in 1888 adelserkenning. Hij trouwde in 1863 met Laura Strube (1838-1905). Ze kregen vier kinderen.
Leon Robyns (1868-1941), trouwde met Pauline Jullien (1868-1966).
Albert Robyns (1895-1947), trouwde met Blanche Maes (1904-1945). Ze kregen vier kinderen, maar zonder verdere afstammelingen, zodat deze familietak is uitgedoofd.
Jean-Baptiste Robyns
Jean-Baptiste Joseph Robyns (Brussel, 24 april 1772 - Veerle, 17 september 1803), trouwde in 1797 in Veerle met Charlotte de Schneidauer de Streittkolben (1778-1857), dochter van de Oostenrijkse veldmaarschalk baron Joseph de Schneidauer. In 1823, onder het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden werd, naar het voorbeeld van wat in 1764 was gebeurd, Jean-Baptiste postuum in de adel erkend, ten voordele van zijn weduwe en hun vier kinderen.
Louis Robyns (1797-1865), trouwde met Marie-Josèphe Robyns (1805-1889).
François "Frantz" Robyns (1839-1912), zaakgelastigde en consul-generaal van Monaco, schepen van Vlezenbeek, provicnieraadslid van Brabant en majoor van de Burgerwacht in Lennik, kreeg in 1889 vergunning om de Schneidauer aan zijn familienaam toe te voegen, trouwde in 1867 in Ruisbroek met Marie-Thérèse Misson (1842-1900), dochter van Victor Misson, voorzitter van het Rekenhof. Ze kregen zes kinderen.
Auguste Robyns de Schneidauer (1867-1940), trouwde in 1900 in Elsene met Clotilde Ciamberlani (1870-1906). Ze kregen een enige dochter.
Marie-Thérèse Robyns de Schneidauer (1901-1974), trouwde in 1936 in Etterbeek met baron Emmanuel van der Elst (1894-1972), auteur onder de naam 'Jean de Vincennes' en secretaris van de eerste minister, zoon van baron Léon van der Elst, buitengewoon gezant en gevolmachtigd minister. Het huwelijk bleef kinderloos.
Albert Robyns de Schneidauer (1869-1940), ambtenaar bij de provincie Brabant, trouwde in 1896 in Brussel met Julienne Ciamberlani (1875-1957). Ze kregen een zoon en een dochter.
Louis Robyns de Schneidauer (1900-1988), directeur bij het ministerie van Buitenlandse Zaken, voorzitter van de nationale tentoonstelling 'Leopold I en zijn tijd', voorzitter van het Bureau voor iconografie van de Vereniging van de Adel van het Koninkrijk België, secretaris van de studiecommissie over het Oude Brussel en vicevoorzitter van de Genealogische en Heraldische Vereniging van België, trouwde in 1926 in Ledeberg met Agnès van Eyll (1905-1986), kleindochter van baron Raymond de Kerchove d'Exaerde. Ze kregen twee zoons en twee dochters.
Thierry Robyns de Schneidauer (1929-2024), kunstschilder (dierenschilder), conservator van het ornithologisch reservaat het Zwin en conservator van het Parc président Mobutu in Zaïre, trouwde met Mireille van der Beken Pasteel (1934-1968) en in tweede huwelijk met Wendelina Greven (°1944), met afstammelingen tot heden.
Eugène Robyns de Schneidauer (1871-1951), ambassadeur, trouwde in 1899 in Parijs met Marie-Louise Moreira (1877-1954). Hij kreeg in 1938 de riddertitel, overdraagbaar bij eerstgeboorte. Ze kregen vier kinderen, met afstammelingen tot heden.
Frans Robyns de Schneidauer (1899-1975), trouwde in 1929 in Ottignies met Claire De Bueger (1904-1976). Ze kregen een zoon en een dochter.
Sonia Robyns de Schneidauer (1901-1960), trouwde met baron Jacques de Wykerslooth de Rooyesteyn (1896-1988), moderne vijfkamper, Olympisch deelnemer en burgemeester van Guirsch. Ze kregen twee zoons.
Victor Robyns de Schneidauer (1876-1919), consul-generaal van Monaco en voetballer bij Léopold CB, trouwde in 1904 in Brussel met Olga Sacqueleu (1879-1977), kleindochter van jhr. Alexis Capiaumont. Ze kregen vier kinderen, met afstammelingen tot heden.
Jean Robyns de Schneidauer (1907-1959), trouwde in 1936 in Elsene met Paule de Laveleye (1911-1985), kleindochter van Georges de Laveleye en Michel Mourlon. Ze kregen twee zoons en een dochter.
Élisabeth Robyns de Schneidauer (1916-1983), trouwde in 1937 in Sint-Pieters-Woluwe met Adrien Elleboudt (1906-1983), raadsheer in het hof van beroep in Brussel. Ze kregen een zoon en een dochter.
Frédéric Robyns (1799-1869), luitenant-kolonel van de Burgerwacht in Aalst, trouwde in 1820 in Gent met Marie Huyttens (1787-1859). Ze kregen zeven kinderen, maar in 1889 is deze familietak uitgedoofd.
François Robyns (1800-1839)
Adèle Robyns (1802-1880)
Literatuur
Charles DICKENS, 'La Maison Robyns, une fabrique de gloires', in Household Works, 1852.
'Généalogie Robyns', in Annuaire de la noblesse de Belgique, Brussel, 1889.
L. ROBYNS DE SCHNEIDAUER, 'Catherine-Marie Robyns (1776-1852) épouse de Jacques, comte Cornet d'Elzius du Chenoy, dernier seigneur du Chenoy', in Le Parchemin, 1938.
J. OCKELEY, 'De familie Robyns', in Vlaamse Stam, 1966.
Xavier DE GHELLINCK, 'Bio-bibliographie de Louis Robyns de Schneidauer', in Le Parchemin, 1980.
Oscar COOMANS DE BRACHÈNE, État présent de la noblesse belge, Annuaire 1997, Brussel, 1997.