



Een roeiriem, kortweg riem genoemd, wordt gebruikt om zich met een schip of boot over het water voort te bewegen. Op studentenroeiverenigingen wordt vaak het woord paal gebruikt voor een riem. De beweging die met een riem wordt gemaakt heet roeien.
Van oudsher bestaat de riem uit een blad met een lange steel en een handvat. De riem draait om een draaipunt op de zijkant van de boot. Bij oude schepen is dat een vast draaipunt, een uitsparing in het boord, het scheegat. Later werd er vaak een manchet om de riem aangebracht en dat manchet rust dan tegen een dol. Bij huurbootjes draait de riem om een pen, wat voor de onervaren roeier het voordeel heeft dat de riem niet om zijn lengteas kan draaien.
Een klassieke kleine roeiriem kan ook worden gebruikt om te wrikken, maar een echte sloep- of wrikriem is daar geschikter voor. Die is wat langer en zwaarder dan een roeiriem.
De beweging van het blad door het water halen heet de haal, het moment van het water ingaan heet de inpik, het moment dat het blad het water weer verlaat heet de uitpik. Een verkeerde beweging waardoor de riem in het water blijft hangen "een snoek slaan".
Een houten roeiriem wordt geschaafd of tegenwoordig gedraaid.
Kleine stalen bootjes gebruiken meestal een veel goedkopere riem, een roeispaan. Het verschil tussen een riem en een spaan is gemakkelijk te zien. Een riem wordt van een rondhout gemaakt terwijl een roeispaan van een plank wordt gemaakt. Op een kwart van de plank worden een tweetal korte klampen bevestigd en door die drie planken wordt weer een pen gestoken, met aan de ene kant schroefdraad met moer en aan de andere kant een oog. Met dat oog wordt de spaan over een pen geschoven, die op het boord van de boot is gelast. Kunststof roeispanen bestaan niet.[bron?]
Er is ook verschil tussen een riem en een peddel. Een peddel wordt niet gebruikt bij roeien, maar bij kanoën. De peddel is niet aan de boot verbonden met een dol of pen, maar wordt door de kanoër vastgehouden. Om deze reden is een peddel ook veel korter dan een riem of een spaan. In vergelijking met roeien heeft peddelen voor- en nadelen. Omdat de persoon hierbij twee krachten tegengesteld aan elkaar moet leveren, is dit veel minder efficiënt dan een riem of een spaan. Deels wordt dit gecompenseerd doordat de vrijere beweging van de peddel hydrodynamisch gunstiger kan zijn.
De benodigde kracht en de gewenste lengte van de haal kunnen worden aangepast. Dit is gangbaar bij het wedstrijdroeien, waar de riemen kunnen worden aangepast aan de roeier. Bij toerroeiers of riemen voor algemeen gebruik gebeurt dit doorgaans niet en wordt meestal gekozen voor een goed gemiddelde. Het draaipunt over de riem kan worden gevarieerd door de kraag over de manchet (een huls om de steel van de riem) te verschuiven. Ook kan bij sommige moderne riemen de totale lengte worden aangepast. Hiermee kan men ervoor zorgen dat de haallengte en de verhouding van de binnen- en buitenhendel onafhankelijk van elkaar kunnen worden gesteld.
Om minder ervaren roeiers te helpen bij hun oriëntatie in de boot, kunnen de kragen of de manchetten aan stuurboord en bakboord verschillende kleuren hebben. Overeenkomstig de boordverlichting van schepen en vliegtuigen wordt voor de stuurboordriem groen gebruikt en voor de bakboordriem rood.
De lengte van de riem voor wedstrijdboten is voorgeschreven binnen een bereik, maar hangt wel af van het type boot: een boordgeroeide boot (roeien met één riem per persoon) heeft langere riemen dan een scullgeroeide boot (roeien met twee riemen per persoon).
Bij wedstrijdroeiboten wordt de dol met een rigger een eindje buiten het boord van de boot gezet. Ook op de rigger kan de hoogte van de dol worden ingesteld door ringen onder de dol te leggen. Op bijgaande foto liggen er geen ringen onder de dol, hetgeen betekent dat de dol op z'n laagst staat. Hoe hoger de dol, hoe gemakkelijker het oprijden.[bron?] Het draaipunt kan verder worden versteld door de dol zijwaarts over de rigger te verschuiven. Om doorbuiging in de dol, en daarmee efficiëntieverlies te voorkomen worden op wedstrijdboten drukstangen bevestigd van de bovenkant van de dol naar de romp van de boot. Hiermee is de dol ondersteund aan beide zijden van de opgelegde kracht.
Iedere roeivereniging kent haar eigen kleurstelling van de bladen (roeibladmotief). Op het water kan men de vereniging van een roeiboot herkennen aan het roeiblad.