| Bosbesschildwants | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bosbesschildwants (Rubiconia intermedia) | ||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Rubiconia intermedia (Wolff, 1811) | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
De bosbesschildwants (Rubiconia intermedia) is een wants uit de familie schildwantsen (Pentatomidae).
De Andoornschildwants heeft een kastanjebruine kleur en is dicht zwart gepuncteerd. Er is een lichte smalle rand aan de zijkant van het halsschild. De kop is wat donkerder gekleurd. Het connexivum (aan de zijkant zichtbare deel achterlijf) is wit. Het schildje (scutellum) heeft op de hoekpunen een licht vlekje, het onderste deel van het scutellum heeft een geelwitte rand. Het onderste deel van de antennes is licht, het bovenste deel is donker. De wants is 6,5 tot 7,5 mm lang.
In Nederland is hij zeldzaam. Hij wordt gevonden in Overijssel en Gelderland.
Hij wordt vooral op andoorn (Stachys) gevonden, maar zit ook wel op andere planten uit de lipbloemenfamilie (Labiatae). In Nederland zit hij vooral op de bosbes (Vaccinium) De volwassen wants overwintert.
