Sansculotten

Portret van de zanger Simon Chenard gekleed als sansculotte (Louis Léopold Boilly, ca. 1792). Behalve de lange grove broek, waren ook de klompen en de baretachtige pet typische attributen.
De vrouw van de sansculotte, ca. 1792
Een gewapende sansculotte

De sansculotten waren de handwerkslieden, kleine handelaren en winkeliers tijdens de Franse Revolutie. De benaming betekent "kniebroeklozen", omdat zij geen elegante kniebroek (culotte) droegen zoals de adel en de betere burgers, maar een lange werkmansbroek (pantalon) met daarboven een jas. Hun adellijke tegenhangers werden bas-de-soie (zijden kousen) genoemd. De sansculotten waren het gewone stadsvolk dat, zoals de boeren, wollen petten droeg en liep op klompen gevuld met stro. Ze voedden zich hoofdzakelijk met brood en waren om niet te verpauperen afhankelijk van de graanprijs. Vanaf juli 1789 vormden zij de stoottroepen van de Franse Revolutie. Hun leiders in de clubs waren vaak de meer welgestelden en geletterden uit deze klasse, of degenen die zich ermee identificeerden eerder dan ertoe te behoren. Door hun politiek-revolutionaire rol werd sansculotte ook de spotnaam voor een Franse soldaat uit de tijd van de Eerste Franse Republiek. Vaak hadden de sansculotten als onderscheidingsteken een rode muts op het hoofd, droegen een kokarde en waren lid van de Club van de Cordeliers. Ze noemden elkaar citoyen (à la Rousseau) en waren voor directe democratie.

De sansculotte 'gaat altijd te voet ... en leeft zeer eenvoudig met z'n vrouw en kinderen, als hij die heeft, op de 4e of 5e verdieping.' Volgens Willem Frijhoff was de typische sansculotte in Parijs en Marseille een gehuwde man op middelbare leeftijd, die zijn eigen baas is als rentenier, vertegenwoordiger van een vrij beroep, maar veel vaker een winkelier of ambachtsman.

Literatuur

Zie de categorie Sans-culottes van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.