Skiën

Ski-kampioen Jan Boon geeft een demonstratie in Duinrell (1940)
Een ski

Skiën is zich voortbewegen over sneeuw of een kunstskibaan met behulp van twee 'planken', ski's genoemd, die aan de voeten (skischoenen) worden bevestigd. Het woord ski is afkomstig van het Oudnoorse skiða, dat 'rechte plank' betekent. Vroeger was skiën geen sport, maar een transportmiddel in de wintermaanden.

Oorspronkelijk waren ski's van hout, maar moderne ski's worden gemaakt van glasvezelversterkte kunststof of andere composietmaterialen, of een combinatie van hout en composietmaterialen. Op de pagina over skimateriaal wordt dieper ingegaan op de samenstelling, vorm en functionaliteit van de "plank(en)". Een skiër is iemand, die zich bezighoudt met enige vorm van skiën, zoals hieronder nader wordt beschreven.

Vormen

Er bestaan diverse vormen van skiën. De volgende skisporten bestaan:

Noords skiën
Alpineskiën
Freestyleskiën
Snowboarding
Speed skiing of kilomètre lancée
de records worden hier uitgedrukt in km/h (op dit moment boven de 250).
Grasskiën
Skiën op gras, voor als er geen sneeuw meer is, meestal met speciale ski's. De normale ski's zijn hiervoor niet geschikt.
Zandskiën
Net als bij gras- of droog-skiën wordt hier op de zandduinen van de woestijn geskied.
Borstelskiën
Skiën op pistes met een kunstmatige ondergrond die de sneeuw vervangt, zoals borstels, matten, wordt ook wel "dry-slope" of "artificial-slope"-skiing genoemd.
Met vellen omhoog lopen
Afdaling door poedersneeuw
Ski-alpinisme
De alpine variant van cross country. Men loopt/skiet een parcours en men overwint hindernissen met technieken uit het alpinisme. Men skiet met zo licht mogelijke alpineski's, vaak voorzien van een honingraatstructuur, zeer dunne metalen kanten en daarbovenop een ultra lichte zogenaamde pinbinding. Als wedstrijdsport had dit vooral berggidsen als veelvuldig winnaars gevolgd door deelnemers uit het militaire veld, medewerkers van skistations, bergredding en getrainde hobbyisten. Met de hedendaagse professionalisering van de sport bestaat de top uit beroepsatleten gespecialiseerd in deze competitie en domineren deze de belangrijke wedstrijden. Belangrijke en voor de start gecontroleerde verplichte extra uitrusting om te mogen starten zijn onder meer: rugzak met skidraagsysteem, lawinebieper, klimgordel, stijgijzers ofte crampons alsook een piolet (meestal een ultralicht model voor deze sport), helm, reddingsdekentje. Touw wordt waar nodig door de organisatie geplaatst.
Toerskiën
Toerskiën is dezelfde sport als ski-alpinisme waarbij men een bergtoer maakt buiten de aangelegde skigebieden, maar niet met een wedstrijdoogmerk. Om te stijgen zal men ook hier met vellen en eventueel harschijzers onder de ski's omhoog lopen, om vervolgens naar beneden te skiën.
Heliskiën
Skiërs worden op een hooggelegen punt afgezet door een helikopter en skiën dan, al dan niet met een gids, hun afdaling buiten pistes.
Freeriden
Een vorm van skiën waarbij er buiten de pistes in de poedersneeuw verse sporen worden achtergelaten. Skiërs kunnen freeriden in een bos, maar bijvoorbeeld ook op een hoger gelegen punt waar soms veel rotsen te vinden zijn.

Wedstrijdskiën

Wedstrijdskiën in Nederland gebeurt op de kunstskibaan en indoorhallen. Nederland telt ongeveer 14 borstelbanen en indoorhallen waar tussen september en april wekelijks slalomwedstrijden georganiseerd worden.

Skimateriaal

Niet elke ski is dezelfde in elke vorm van het skiën. Voor elke tak van sport gebruikt men ander skimateriaal. Zo is een alpineskiuitrusting een andere dan de uitrusting voor langlaufen. Ook binnen een tak van sport zijn er verschillende ski's, van carveski's tot aan de dunne latjes. Daarnaast verschillen de ski's voor gevorderden van die voor beginners. Hierdoor kan de prijs van ski's sterk verschillen.

Zie ook

Zie de categorie Skiing van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.