Substantie

Substantie is in de metafysica synoniem voor het ding. In de filosofie, en met name in de ontologie, verwijst het naar wat permanent is in de dingen die veranderen. De interpretaties van wat substantie is variëren al naargelang het ingenomen standpunt: zij die stellen dat er slechts één substantie is (de monisten) en zij die het bestaan van twee of meerdere substanties aannemen (de standpunten van respectievelijk de dualistische filosofie en de pluralistische filosofie).

Het Oudgriekse woord voor substantie is hypokeimenon of hupokeimenon. In het Latijn wordt gesproken over quod substat.

Oud-Griekse filosofie

De Griekse filosoof Aristoteles zag substanties, in tegenstelling tot Plato's eeuwig bestaande en onveranderlijke Vormen, als voor het merendeel tijdelijke dingen die allerlei veranderingen ondergaan. Hij onderscheidde hierbij vier soorten veranderingen: een ding kan veranderen van substantie, van hoedanigheid, van hoeveelheid en van plaats. Veranderen van substantie begrijpt hij als het ontstaan of de vernietiging van iets. Een voorbeeld hiervan is de geboorte en de dood van een mens. Een voorbeeld van het veranderen van hoedanigheid (wijziging) is een plant die groen wordt. Het veranderen van hoeveelheid heeft te maken met groei en afname, wat bijvoorbeeld het geval is met de groei van kind tot volwassene. Veranderen van plaats, ten slotte, is beweging.

Moderne filosofie

Er worden, historisch gesproken, in de moderne filosofie ruwweg vier soorten van substantie onderscheiden:

Tegenwoordig is de idee substantie in weinig meer onderscheiden van het begrip materie. Maar als men niet goed in de gaten heeft dat dit slechts een historisch verschijnsel is, dan leidt dit tot onbegrip als het gaat om het begrip van de geschiedenis van de filosofie.

Zie ook