Afrikaantje

Afrikaantje
Tagetes patula
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Campanuliden
Orde:Asterales
Familie:Asteraceae (Composietenfamilie)
Onderfamilie:Asteroideae
Geslachtengroep:Tageteae
Geslacht
Tagetes
L. (1753)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons
Afrikaantje op Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Afrikaantje of tagetes (wetenschappelijk: Tagetes) is een geslacht van eenjarige en meerjarige planten uit de composietenfamilie (Compositae of Asteraceae). Er zijn vele tientallen soorten die van nature voorkomen in de warmere streken van Midden-Amerika en vooral in Mexico. De naam "afrikaantje" slaat dus niet op het gebied van herkomst.

Afrikaantjes worden vaak gebruikt als sierplant in tuinen. Er zijn vele hybriden. De planten zijn bij veel dieren niet geliefd vanwege smaak en geur. Ze worden daarom aangeplant om gewassen in de nabijheid te beschermen tegen vraat.

Verspreiding

De Spanjaarden voerden de planten in vanuit Mexico. Aan het einde van de zestiende eeuw werden Tagetes patula en Tagetes erecta meegenomen naar Europa. Inmiddels groeien Tagetes-soorten in het wild in Afrika, Europa, Azië en Noord-Amerika. Kakiebos of geelgroen afrikaantje (Tagetes minuta) is in Zuid-Afrika een sinds eind negentiende eeuw ingeburgerde invasieve exoot, afkomstig uit Argentinië. De plant wordt er gebruikt in de geur- en smaakmiddelenindustrie.

Kweek

Afrikaantjes hebben matig voedselrijke grond nodig en veel zon. Op een plek in de halfschaduw kunnen de planten ook goed gedijen. Vochtige en goed doorlatende grond is optimaal voor de ontwikkeling. Het uitplanten dient te gebeuren in het vroege voorjaar.

De plant doodt wortellesieaaltjes (Pratylenchus-soorten) en houdt insecten uit de buurt, wat haar in de volksmond ook de bijnaam "stinkertje" heeft opgeleverd.

Soorten

Een selectie van soorten: