| Treures | ||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
| Cultivar | ||||||||||||||||||||
| Fraxinus excelsior 'Pendula' | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
Treures (Fraxinus excelsior 'Pendula') is een cultivar van gewone es (Fraxinus excelsior).
Treures is een houtige plant die uitgroeit tot boom met een dicht bladerdak en met naar beneden hangende takken die vaak de bodem bereiken. De kroon is grillig en de boom wordt 8–10 m hoog en 4–5 m in doorsnede. Treures is net als gewone es driehuizig, er bestaan zowel mannelijke, vrouwelijke als hermafrodiete exemplaren.
William Aiton, het toenmalige hoofd van Kew Gardens, noemt de treures in 1789 in zijn boek Hortus Kewensis. Ze valt niet onder de taxonomische indeling volgens de ICBN.
Treuressen waren in het victoriaans tijdperk vooral in Engeland heel populair. De groeiwijze biedt de gelegenheid de boom als een natuurlijk prieel te gebruiken. Treuressen treft men meestal aan als solitaire bomen in parken of op boerenerven en begraafplaatsen.
Alle treuressen stammen van één boom af, die in 1725 in Groot-Brittannië werd gevonden op een veld van het vicariaat van Gamlingay, bij Wimpole in Cambridgeshire. De originele boom was klein. Alle grotere bomen, die vanaf het midden van de 18e eeuw in de handel kwamen, zijn op een onderstam van een gewone es geënt. Alleen de kroon met de afhangende takken en twijgen stamt van de originele treures af.
Treures is net zo gevoelig voor de essentaksterfte, een infectie met de schimmel Chalara fraxinea, als gewone es.
De misschien oudste treures van Nederland staat in Oud-Zevenaar. Een eveneens zeer oude treures staat in de kloostertuin van het voormalige klooster aan de Prinsegracht in Den Haag. Deze is ondanks diverse boomchirugische ingrepen in slechte conditie.