Viviparus is een geslacht van Gastropoda levend in het zoete water dat fossiel (met zekerheid) bekend is vanaf het Krijt. Het geslacht komt voor tot in de huidige tijd.
Beschrijving
De schelp is meestal conisch van vorm, hoger dan breed en regelmatig gewonden. De windingen zijn doorgaans bol, soms met kielen die glad maar ook geknobbeld kunnen zijn. Bij sommige soorten is een kiel op de periferie aanwezig. Vaak is de mondopening ovaal tot vrijwel rond. De mondrand is scherp, niet verdikt en niet omgeslagen. De schelp heeft een navel die echter geheel bedekt kan zijn.
In hoogte variëren de meeste soorten tussen ongeveer een en zes centimeter. De schelp kan worden afgesloten met een (meestal dun) hoornachtig operculum, dat concentrisch is opgebouwd.
Typesoort
Viviparus viviparus (Linnæus, 1758) is de typesoort van dit geslacht.
In het Europese en Aziatische Tertiair en Vroeg Pleistoceen komen talloze hier niet genoemde soorten voor. Tijdens het Neogeen vindt een grote radiatie plaats. Vaak bestaat de sculptuur van deze soorten uit knobbels, ribben, spiralen en kielen.
Afbeeldingen
Viviparus viviparus, in aquarium
Viviparus viviparus met operculum Orne bij Caen (Frankrijk).
Viviparus contectus met operculum Eempolder, Nederland.
Viviparus glacialis Boring Rosmalen, Nederland; Ouderdom: Laat Tiglien
Gittenberger, E., Janssen, A.W., Kuijper, W.J., Kuiper, J.G.J., Meijer, T., van der Velde, G. & de Vries, J.N., 2004. De Nederlandse zoetwatermollusken. Recente en fossiele weekdieren uit zoet en brak water. Nederlandse Fauna 2. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & EIS-Nederland, Leiden, 291 pp. (2nd ed.). ISBN 90-5011-201-3
Gloër, P., 2002. Die Süßwassergastropoden Nord- und Mitteleuropas - Bestimmungsschlüssel, Lebensweise, Verbreitung. In: F. Dahl (ed.), Die Tierwelt Deutschlands, 73: 327 pp. (2nd rev. ed.); ISBN 3-923376-02-2.
Wenz, W., 1923-1930. Gastropoda extramarina tertiaria. Fossilium Catalogus I. (4 vols.), 3387 pp.
Wenz, W., 1961. Gastropoda, 1, Allgemeiner Teil und Prosobranchia. In: Handbuch der Paläozoologie, 6(1) 1-948 (herdruk).