
Een watermaker is een werktuig aan boord van zeeschepen en platformen bedoeld om zoet water te produceren uit zeewater. De productie kan variëren van enkele tonnen per dag voor kustvaarders tot honderden tonnen bij cruiseschepen.
Er zijn twee typen watermakers; de vacuümwatermakers gebaseerd op het destillatieprincipe en de omgekeerde-osmosewatermaker.
De vacuümwatermaker, ook wel verdamper genoemd, maakt gebruik van het principe van vacuümdestillatie. Een verdamper is opgedeeld in twee kamers die boven elkaar geplaatst zijn en onderling verbonden. Beide kamers worden vacuüm gezogen. Deze kamers zijn:
Bewerking: het water dat met dit type watermaker geproduceerd wordt is gedestilleerd. Het is zeer geschikt voor gebruik in bijvoorbeeld stoomketels. Maar voor menselijke consumptie moeten er nog mineralen aan toegevoegd worden. Tevens wordt dit water vaak gedesinfecteerd door er chloor aan toe te voegen of door het door een uv-filter te leiden.
Bij omgekeerde osmose zijn een sterke en een zwakke zoutoplossing gescheiden door een semipermeabele wand. De sterke oplossing trekt het water door de wand heen en wekt daarbij osmotische druk op. Watermakers die werken op het principe van omgekeerde osmose onttrekken zout uit het zeewater door de druk boven de osmotische druk te brengen.
Daardoor stroomt het water terug door de wand, terwijl het zout achterblijft. De resterende zoutoplossing wordt daardoor zouter, waardoor de osmotische druk stijgt. Om te voorkomen dat de benodigde druk steeds hoger wordt, wordt dit gespuid en vervangen door nieuw zoutwater. In vergelijking met een verdamper is de benodigde energie om zuiver water via omgekeerde osmose te bereiden uit zeewater bijzonder laag.