| Zeevenkel | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Crithmum maritimum L. (1753) | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Zeevenkel of zeekervel (Crithmum maritimum) is een plantensoort uit de schermbloemenfamilie (Apiaceae). Het is de enige soort in het geslacht Crithmum. De botanische naam Crithmum komt van het Oudgriekse 'krithe', dat gerst betekent, vanwege de overeenkomst van de vrucht met een gerstekorrel.
Zeevenkel is een vaste plant die een hoogte kan bereiken van 20–50 cm. De stengel is aan de voet verhout. Ook de wortels zijn houtig. De wortelbladeren zijn dubbel geveerd. De blaadjes van de eerste orde zijn gesteeld en die van de tweede orde vlezig, aan de voet versmald en met gave bladrand. De tot 7 cm lange bladeren zijn aromatisch. Zeevenkel bloeit van juli tot oktober met samengestelde schermen, die bestaan uit acht tot zesendertig stralen met vijf tot tien omwindselbladen en -blaadjes. De bloemen zijn geelgroen of wit van kleur. De 5–6 mm lange, olijfgroene tot paarse vrucht is een tweedelige splitvrucht en heeft weinig uitstekende ribben. De deelvruchtjes zijn sponsachtig, in doorsnede breed-driehoekig en bevatten een enkel zaad. De vruchten worden door het water verspreid. Het chromosoomaantal is 2n = 20.
Zeevenkel komt voor op eutrofe tot mesotrofe plekken op zanderige vloedmerken langs de kust en zeedijken.
In de syntaxonomie staat zeevenkel te boek als kensoort voor de klasse van vloedmerkgemeenschappen op zeedijken en rolkeistranden.
Het natuurlijke verspreidingsgebied van zeevenkel strekt zich uit langs de Zwarte Zee, in het Middellandse Zeegebied, de Canarische Eilanden en langs de Europese kust van de Atlantische Oceaan. De soort komt langs de hele Nederlandse kust voor en staat op de Nederlandse Rode Lijst als zeer zeldzaam en stabiel of iets toegenomen.
De vlezige bladeren zijn eetbaar, smaken naar asperges en zijn lang een delicatesse geweest. Ze worden nu nog als garnering gebruikt. Hiervoor moeten ze in mei geplukt worden. Ze zijn rijk aan vitamine C.
In Engeland, waar zeevenkel geliefd is als ingrediënt in diverse vleesgerechten en onder andere nabij Dover op de steile krijtrotsen groeit, werd de plant tot in de 20e eeuw door mensen, ook door kinderen, onder zeer gevaarlijke omstandigheden in het wild geplukt, hetgeen sinds 1981 op grond van Britse milieuwetgeving verboden is. Charles Dickens stelde het door kinderen plukken van zeevenkel eens in een publicatie aan de kaak, omdat hij het gevaarlijke kinderarbeid vond. Deze publicatie is onder de titel The rock samphire picker's tale in 1839 in het literaire tijdschrift Bentley's Miscellany verschenen.
De soort is ook in cultuur en wordt in rotstuinen gebruikt.