Zhou Han

Zhou Han is een volksverhaal uit China.

Het verhaal

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud of de afloop van het verhaal.

Zhou Han was belezen en dapper, maar een ambteloos man tijdens de regeringsperiode van Zhenyuan (783-804). De leden van de Yi-stam boden een slaaf aan van ongeveer vijftien jaar. Het was een uitstekend duiker en hij kon erg lang onder water blijven, Zhou Han koopt de slaaf. De slaaf werd Watergeest genoemd en Han verliet Shu per schip door de Engten op weg naar Jingling. Bij de Yanyu-rots in de Qutang-engte liet Zhou Han de Watergeest duiken en hij komt boven met gouden en zilveren voorwerpen. Ze komen ook bij de Buffelbankpier, de diepste plaats bij de oever waar Wen Qiao rinoceroshoorn verbrandde om watermonsters te belichten. Hier vindt Watergeest jade en hij vertelt over de watermonsters. Zhou Han is nu een rijk man. Wang Ze is prefect van Xiangzhou en hij is een vriend van Zhou Han. Hij brengt Zhou Han een bezoek als die door het gebied van de Gele Rivier komt. Bij de Achthoekige bron bij de noordpunt van de stad is een putrand gemetseld, de doorsnee is ruim drie roeden. Er hangt 's ochtends en 's avonds een dichte nevel die meer dan honderd passen breed is en in duistere nachten is er een schijnsel als de gloed van vuur. Op de bodem van de put bevindt zich een gouden draak.

Wang Ze vertelt over de schat en Zhou Han laat Watergeest duiken. Hij vertelt over een slapende gouden draak met vollemaanparels tegen de borst geklemd. Watergeest vraagt een scherp zwaard en duikt na het drinken van wat wijn opnieuw naar beneden. Watergeest springt uit het water, gevolgd door de gouden draak met scherpe klauwen. De draak grijpt Watergeest en duikt naar beneden. Na korte tijd komt er een oude man in een bruine pels. Hij vertelt de plaatselijke god van de grond te zijn en vraagt zich af hoe de prefect zo lichtvaardig omspringt met het lot van het volk. De gouden draak is een afgezant van de Hoogste Duisternis en is de hele streek tot zegen zolang hij de schat bewaakt. Als de draak in woede ontsteekt, zullen magische transformaties in het werk gesteld worden. De poort des hemels wordt geschokt en de as van de aarde wordt ontzet, bergen worden ingebeukt en heuvels verbrijzelen. Honderd li in het vierkant veranderen in stromen en meren, het volk wordt vis en schildpad. Zhongli Ji en Meng Chang waren niet uit op schatten, de pareloesters kwamen terug. Wang Ze handelt uit hebzucht en Watergeest is verslonden, om zo de parels te vergroten. Ze schaamt zich en hoort van de oude man dat hij snel berouw moet tonen over zijn zonden en moet bidden.

De oude man verdwijnt en Wang Ze brengt een offer aan de draak.

Achtergronden

Zie ook