Vanaf ongeveer 772 werkt de Engelse missionaris Willehad vanuit Dokkum in het noorden van Friesland. Hij is actief in het Humsterland en Drenthe.
Rond 772 trekken Saksische strijders het Oversticht binnen en vernielen in de omgeving van Deventer een aantal kerkjes. Abt Gregorius stuurt Liudger naar de streek om de herbouw te leiden.