A&M Records

A&M Records
Opgericht 1962
Oprichter Herb Alpert en jerry Moss
Moeder­onderneming Universal Music Group
Distributie­label Interscope Records
(Verenigd Koninkrijk)
Polydor (V.S.)
Situering
Land van oorsprong Vlag van Verenigde Staten Verenigde Staten
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Muziek
Herb Alpert in 1964

A&M Records was een platenlabel, in 1962 opgericht door Herb Alpert en Jerry Moss, dat voornamelijk muziek uitbracht in het Easy listening-genre en in de Latin-American stijl. Alpert was trompettist, zanger en arrangeur, Moss was muziek-promotor.

Het begin 1962-1964

Het label begon onder de naam Carnival Records in juli 1962 in de garage van Herb Alpert met de opname van twee singles, "Tell It to the Birds" op naam van Dore Alpert (Herb Alpert als zanger) en "Love Is Back in Style" door Charlie Robinson. Carnival had geen distributiekanaal en "Tell It to the Birds" werd alleen een lokale hit. Voor de distributie in de rest van de Verenigde Staten (hierna VS), werd de single verkocht aan Dot Records voor $700, "Love Is Back in Style" had minder succes.

Nadat Alpert en Moss ontdekt hadden dat de naam Carnival al in gebruik was veranderden zij de naam in A&M Records (A&M staat voor Alpert&Moss).The Lonely Bull, een instrumental door Herb Alpert en zijn Tijuana Brass band werd zo de eerste echte single van A&M. Het label wilde van aanvang af een kwaliteitslabel zijn. Alle platen van Herb Alpert & the Tijuana Brass (TJB) kwamen voortaan uit op dit label.

The Lonely Bull bereikte een zesde plaats op de hitlijsten.

Organisatie

Joline Burton werd als enige werknemer aangetrokken voor de boekhouding. Zij zou 20 jaar bij A&M blijven werken, met als laatste functie Vice President of Finance.

Met Festival Records in Australië werd een distributieovereenkomst gesloten, die stand zou houden totdat in 1989 A&M verkocht werd. In Nederland en België werd A&M door Decca Records gedistribueerd.

Artiesten

Artiesten die tekenden bij het beginnende label waren in 1963 Waylon Jennings, Julius Wechter en de Canadian Sweethearts, een duo van Bob Regan en Lucille Starr.

In 1964 had A&M wereldwijd een hit met Lucille Star's The French Song. Hoewel slechts een kleine hit in de Verenigde Staten (54ste plaats) en Canada (12de plaats), werden in Australië, Zuid-Afrika en Europa meer dan een miljoen platen verkocht. In februari 1965 stond de single twee weken op de eerste plaats van de Nederlandse Top 40.

Julius Wechter, die meegespeeld had in Herb Alpert's Tijuana Band, bracht met The Baja Marimba Band de single "Comin' In the Back Door" uit, dat meer dan 100.000 maal verkocht.

1965-1969

Uitbreiding

In 1965 breidde A&M uit met Bob Fead als National Sales Director, Don Graham als National Promotion Director, Allen Stanton als hoofd A&R en Larry Marks als producer. Bob Fead richtte het onafhankelijke distributienetwerk van A&M op.

Op 6 november 1966 verhuisde A&M Records haar kantoren met de 32 medewerkers naar de voormalige Charlie Chaplin Studios op 1416 N. La Brea Avenue, Hollywood.

Distributie-contracten werden gesloten met Deutsche Grammophon en Polydor.

Sérgio Mendes & Brasil '66

Artiesten

In 1965 had Herb Alpert met zijn TJB succes met een cover van A Taste of Honey.

Andere artiesten waarmee A&M in de tweede helft van de zestiger jaren een contract afsloot waren o.a.:

In Nederland

Eind 60-er jaren was de Nederlandse muziekpers idolaat van de muziek van de Byrds, en haar ex-leden. Producer Larry Marks bracht in 1968 met ex-Byrds-lid Gene Clark en Doug Dillard het album The Fantastic Expedition of Dillard and Clark uit, dat in Nederland qua originaliteit als baanbrekend en van uitzonderlijke kwaliteit beschouwd werd, een album op het snijvlak van country rock en americana. Hierna volgde Through the Morning, Through the Night in augustus 1969, waarop Dillard & Clark met onder anderen Michael Clarke en Chris Hillman samenwerkte.

Najaar 1968 kwam een vergelijkbaar album uit met ex-Byrds-lid Gram Parsons, The Gilded Palace of Sin van de Flying Burrito Brothers, dat evenzo als een mijlpaal in de countryrock beschouwd werd.

Billy Preston in 1971

1970-1979

In 1970 nam Ariola-Eurodisc GMBH de vertegenwoordiging over in Duitsland, Zwitserland en Oostenrijk, en Ariola-Eurodisc-Benelux N.V. in de Benelux.

Janet on Tour

1980-1989

Andere bekende artiesten die opnamen voor A&M waren Gin Blossoms, Ozark Mountain Daredevils, Elkie Brooks, Carole King, Styx, Shanice en Duffy.

1990 Verkoop

A&M werd eind 1989 gekocht door PolyGram. Alpert and Moss bleven wel aan als manager van het label tot 1993, maar er waren wel reorganisaties en later diverse processen over inkomsten.

In 1998 werd PolyGram verkocht aan Seagram en opgenomen in de Universal Music Group. In 1999 werd A&M samengevoegd met Interscope Records en Geffen Records, met als gevolg reorganisaties en vele ontslagen. Het hieruit ontstane label Interscope Geffen A&M bracht A&M in 2007 terug op de markt als merk. Hierop volgde samenvoeging met Octone Records. In 2013 werd A&M Octone opgenomen in Interscope Records.

Succesvolle artiesten die nog onder het A&M-logo in de periode na 1990 muziek uitbrachten waren Bryan Adams, Sting, Suzanne Vega, Amy Grant, CeCe Peniston, Sheryl Crow, Barry White, Blues Traveler en Soundgarden.

Hall of Fame

In 1997 werd Herb Alpert's The Lonely Bull opgenomen in de Hall of Fame.