| Abraham Rademaker | ||||
|---|---|---|---|---|
Abraham Rademaker, door C. van Noorde, getekend omstreeks 1770. | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Abraham Rademaker | |||
| Geboortedatum | 1676/'77 | |||
| Geboorteplaats | Lisse | |||
| Overlijdensdatum | 21 januari 1735 | |||
| Overlijdensplaats | Haarlem | |||
| Geboorteland | ||||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Jaren actief | 1697-1735 | |||
| Floruit | 1719 | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Werken in collectie | Stadsarchief Delft, Städel Museum, Art Institute of Chicago, Nelson-Atkins Museum of Art, National Gallery of Art, Stadsarchief Rotterdam, Groeningemuseum, Flipje & Streekmuseum, Museum Slot Loevestein, museum Huis Bergh, Stadskasteel Zaltbommel, Liemers Museum, Museum De Lakenhal, Museum Het Valkhof, Elisabeth Weeshuis Museum, Regionaal Archief Nijmegen, Stadsmuseum Harderwijk, Geldersch Landschap en Kasteelen, Regionaal Archief Rivierenland, Nationaal Museum Paleis het Loo, TextielMuseum, Het Scheepvaartmuseum | |||
| Links | ||||
| Dbnl-profiel | ||||
| RKD-profiel | ||||
| ||||
Abraham Rademaker (Lisse, 1676/'77 – Haarlem, 21 of 22 januari 1735) was een Nederlands kunstschilder, tekenaar, etser en prentkunstenaar. Hij produceerde vooral topografische tekeningen en schilderde daarnaast landschappen, stadsgezichten, interieurs en portretten. Hij signeerde met het monogram AR.
Rademaker was een zoon van de glazenmaker Frederik Rademaker en Annetje Luijters. Zijn broer Josias was graveur. Hij was gereformeerd.
In zijn jeugd was hij altyt bezig met tekenen (...) met zulk een taei gedult en ongemeene naerstigheit, dat hy heele maenden achtereen in huis zat, zonder uitgaen. Hij leerde zichzelf het vak, zonder leermeester, en Naeulyks was hy dezelve kundig, schappen met grootsche Gebouwen, aerdige Ruinen, fraeie Beeltjes en Beesten, en ook wel met allerlei Vogelen, te versieren.
Op 10 september 1706 trouwde hij in Amsterdam met Maria Rosekrans, een dochter van de goudsmid Laurens Rosekrans. Op 13 oktober 1706 werd Rademaker burger van Amsterdam. Hij was werkzaam in Amsterdam van 1706 tot 1730 en daarna in Haarlem tot zijn overlijden in 1735.

Zijn werk vond in de 18e eeuw gretig aftrek, daar er vele verzamelaars waren van topografische afbeeldingen. Terwijl in de 17e eeuw vooral stadsbeschrijvingen en -gezichten populair waren, legde men in de 18e eeuw de nadruk op kastelen, buitenplaatsen en ruïnes in het buitengebied. Vooral de sinds 1725 uitgegeven boeken met prenten van zijn hand waren populair. Daartoe behoort het Cabinet der Neederlandse Oudheeden en gesigten vervat in drie hondert konst plaaten. Hij zou ongeveer 700 kastelen hebben getekend.
Rademaker werkte onder meer voor de verzamelaar Christoffel Beudeker, die hem talloze opdrachten gaf voor tekeningen. Via omwegen kwam veel werk van hem gedurende de 19e en 20e eeuw uiteindelijk in openbare museumcollecties terecht.

In 1750–1751 werd zijn levensbeschrijving opgenomen in De nieuwe schouburg der Nederlantsche Kunstschilders en schilderessen, samengesteld door Jan van Gool.
Louis Fabritius Dubourg, Sybrand Feitama (II) en Abraham de Haen (II) waren zijn leerlingen; L.J.W. Meys wordt als navolger genoemd.