| Alfred Kossmann | ||||
|---|---|---|---|---|
Kossmann bij uitreiking prijzen kunstenaarsverzet in het Concertgebouw te Amsterdam, 1961 | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Alfred Kossmann | |||
| Geboortedatum | 31 januari 1922 | |||
| Geboorteplaats | Leiden | |||
| Overlijdensdatum | 27 juni 1998 | |||
| Overlijdensplaats | Amsterdam | |||
| Geboorteland | Nederland | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Erasmiaans Gymnasium | |||
| Beroep | schrijver | |||
| Werken | ||||
| Bekende werken | Huldigingen | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Prijzen en onderscheidingen | Constantijn Huygens-prijs (1980), Libris Literatuur Prijs (Huldigingen; 1996), F. Bordewijk-prijs (1965), Marianne Philipsprijs (1972), Prijs van de Stichting Kunstenaarsverzet (1960), Ridder in de Orde van Oranje-Nassau, Debutantenprijs van de Maatschappij der Nederlandse Letteren (1951) | |||
| Links | ||||
| Dbnl-profiel | ||||
| ||||
Alfred Kossmann (Leiden, 31 januari 1922 - Amsterdam, 27 juni 1998) was een Nederlandse schrijver.
Kossmann groeide op in Rotterdam, waar zijn vader (Friedrich Kossmann) directeur was van de gemeentelijke bibliotheek. Hij zat een tijdje op het Erasmiaans Gymnasium. Daarna ging hij werken, eerst bij een boekhandel en later bij verschillende uitgeverijen.
In de Tweede Wereldoorlog dook hij aanvankelijk onder, om aan de Arbeidsinzet te ontkomen, maar hij werd opgepakt en tewerkgesteld in Duitsland, samen met zijn tweelingbroer, de later beroemde historicus Ernst Kossmann. Deze ervaringen verwerkte Alfred later in de roman De nederlaag (1950). Het ontwerp voor de omslag werd gemaakt door zijn toenmalige echtgenote Jeanette Kossmann. In 1947 vertaalde hij tezamen met Kees Reedijk Alice's Adventures in Wonderland onder de titel De avonturen van Alice (Digitale versie), waarbij het non-sense gedicht 'Jabberwocky' vertaald werd als Wauwelwok.
Na de oorlog werkte hij hoofdzakelijk bij uitgeverijen, terwijl hij daarnaast een indrukwekkend oeuvre bij elkaar schreef. Hij reisde bovendien veel en schreef daarover reisverhalen. In 1972 kreeg hij een ernstig auto-ongeluk, waarbij hij blijvend invalide werd. De roman Laatst ging ik spelevaren (1973) heeft daarop betrekking. Na dit ongeluk woonde Kossmann enkele jaren in Griekenland.
Zijn werk wordt gekenmerkt door een zekere ironie, die ook in het wetenschappelijk werk van zijn tweelingbroer is terug te vinden.
