| Anne Perry | ||
|---|---|---|
| Algemene informatie | ||
| Geboortenaam | Juliet Marion Hulme | |
| Geboortedatum | 28 oktober 1938 | |
| Geboorteplaats | Londen | |
| Overlijdensdatum | 10 april 2023 | |
| Overlijdensplaats | Los Angeles | |
| Werk | ||
| Beroep | schrijver, romanschrijver, kinderboekenschrijver, filmscenarist | |
| Actieve periode | 1979–2023 | |
| Studie | ||
| School/ |
Christchurch Girls' High School | |
| Kunst | ||
| Genre | detectivefictie, historical mystery, historical fiction | |
| Beïnvloed door | Mario Lanza | |
| Religie | ||
| Religie | kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen | |
| Familie | ||
| Vader | Henry Rainsford Hulme | |
| Persoonlijk | ||
| Talen | Engels | |
| Schrijftaal | Engels | |
| Veroordeling | moord | |
| Plaats van gevangenschap | Auckland | |
| Diversen | ||
| Prijzen en onderscheidingen | Edgar Allan Poe Award (1997), Malice Domestic Award for Lifetime Achievement (2009) | |
| Website | Officiële website | |

Anne Perry (geboren Juliet Marion Hulme; Londen, 28 oktober 1938 – Los Angeles, 10 april 2023) was een Britse veroordeelde moordenares en schrijfster. Zij was de auteur van de Thomas en Charlotte Pitt-serie en de William Monk-serie, beide historische detectiveromans.
In 1994 werd algemeen bekend dat Perry in 1954 in Christchurch (Nieuw-Zeeland) was veroordeeld voor moord, toen zij vijftien jaar oud was. Samen met haar zestienjarige vriendin Pauline Parker vermoordde zij Parkers moeder, Honorah. Na het uitzitten van een gevangenisstraf van vijf jaar veranderde Perry (voorheen Juliet Hulme) haar voornaam in Anne, nam de achternaam van haar stiefvader aan, en keerde terug naar het Verenigd Koninkrijk. Haar identiteit werd door de media onthuld na de release van de film Heavenly Creatures van regisseur Peter Jackson, die gebaseerd is op de zaak.
Hulme werd geboren in Londen als dochter van natuurkundige Henry Rainsford Hulme. Als kind werd zij gediagnosticeerd met tuberculose en verbleef zij enige tijd in het Caribisch gebied, Zuid-Afrika en Nieuw-Zeeland in de hoop dat een warmer klimaat haar gezondheid zou verbeteren. Zij voegde zich later weer bij haar familie, nadat haar vader rector was geworden van Canterbury University College in Nieuw-Zeeland. Hulme ging naar Christchurch Girls' High School, gevestigd in het latere Cranmer Centre. In 2012 werd een foto uit 1948 van haar aankomst in Nieuw-Zeeland ontdekt in de collectie van Auckland Libraries en gepubliceerd in de blog Heritage et AL.
In juni 1954, op vijftienjarige leeftijd, vermoordde Hulme samen met haar beste vriendin Pauline Parker Parkers moeder, Honorah Rieper. Hulmes ouders waren op dat moment verwikkeld in een scheiding en zij zou naar Zuid-Afrika worden gestuurd om bij familie te verblijven. De twee tieners, die samen een uitgebreide fantasiewereld hadden gecreëerd waarin onder meer beroemdheden als Mario Lanza en James Mason figureerden, wilden niet van elkaar gescheiden worden.
Op 22 juni 1954 gingen de meisjes met Rieper wandelen in Victoria Park in de Port Hills bij Christchurch. Op een afgelegen pad liet Hulme een sieraad vallen, zodat Rieper het zou oprapen. Parker sloeg haar moeder vervolgens met een halve baksteen gewikkeld in een kous. De meisjes gingen er aanvankelijk van uit dat één slag fataal zou zijn, maar het slachtoffer liep meer dan twintig verwondingen op.
Parker en Hulme werden in Christchurch berecht en op 28 augustus 1954 schuldig bevonden. Omdat zij te jong waren om de doodstraf te krijgen onder de toenmalige Nieuw-Zeelandse wetgeving, werden zij veroordeeld tot detentie "naar Hare Majesteits welbehagen". Beiden werden vijf jaar later, afzonderlijk, vrijgelaten. Bij Perry’s overlijden in 2023 werd aangenomen dat zij en Parker na het proces geen contact meer hadden gehad.
De gebeurtenissen vormden de basis voor de film Heavenly Creatures (1994), waarin Melanie Lynskey de rol van Pauline Parker vertolkte en Kate Winslet die van Juliet Hulme. Ten tijde van de release was het publiek zich er niet van bewust dat misdaadauteur Anne Perry Juliet Hulme was; haar identiteit werd enkele maanden na de release onthuld door journalisten. Hoewel vaak werd gesuggereerd dat de relatie tussen Hulme en Parker seksueel van aard was, verklaarde Perry in 2006 dat deze obsessief was, maar niet lesbisch.
Na haar vrijlating in november 1959 keerde Perry terug naar Engeland en werkte zij enige tijd als stewardess. Vervolgens woonde zij een periode in de Verenigde Staten, waar zij zich in 1968 aansloot bij De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen. Later vestigde zij zich met haar moeder in het Schotse dorp Portmahomack. Haar vader leidde intussen het Britse waterstofbomprogramma.
Hulme nam de naam Anne Perry aan, naar de achternaam van haar stiefvader. In 1979 verscheen haar eerste roman, The Cater Street Hangman. Haar werk bestond voornamelijk uit historische misdaad- en detectiefictie. Bekende reeksen zijn onder meer die rond Thomas en Charlotte Pitt, en de serie rond de geheugenloze privédetective William Monk, die in 1990 debuteerde in The Face of a Stranger.
Nadat Perry’s identiteit als Hulme in 1994 openbaar was geworden, verklaarde zij:
"Het leek zo oneerlijk. Alles wat ik had opgebouwd om een fatsoenlijk lid van de samenleving te zijn, werd bedreigd. En opnieuw werd mijn leven door iemand anders geïnterpreteerd. Dat was ook al tijdens het proces gebeurd toen ik, als minderjarige, niet mocht spreken en al die leugens hoorde. En nu was er een film, maar niemand had de moeite genomen om met mij te praten. Ik wist er niets van tot de dag vóór de release. Het enige waar ik aan kon denken, was dat mijn leven in elkaar zou storten en dat het mijn moeder zou kunnen doden."
Zij bleef schrijven en gaf aan verrast te zijn dat haar vrienden haar bleven steunen, ondanks de onthulling van haar identiteit en de daaropvolgende mediabelangstelling. In 1998 werd zij door The Times opgenomen in de lijst van honderd "masters of crime". Haar korte verhaal Heroes won in 2000 de Edgar Award. In 2009 ontving ze een oeuvreprijs bij de Agatha Awards. In totaal publiceerde zij 102 boeken, waaronder 32 romans in de Charlotte en Thomas Pitt-serie, 24 in de Monk-serie, zes in de Daniel Pitt-serie, meerdere novelles met kerstthema en vijf delen in de Elena Standish-serie. Wereldwijd werden 25 miljoen exemplaren van haar werk verkocht.
In 2009 maakte Dana Linkiewicz een documentairefilm met Anne Perry, getiteld Anne Perry: Interiors.
In 2017 verhuisde Perry naar de Verenigde Staten om filmadaptaties van haar werk beter te kunnen ondersteunen. In december 2022 kreeg zij een hartaanval. Zij overleed op 10 april 2023 in een ziekenhuis in Los Angeles, op 84-jarige leeftijd. Een dag na haar overlijden verscheen The Fourth Enemy, het zesde deel in de Daniel Pitt-serie.
Dit artikel of een eerdere versie ervan is een (gedeeltelijke) vertaling van het artikel Anne Perry op de Engelstalige Wikipedia, dat onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen valt. Zie de bewerkingsgeschiedenis aldaar.