Spelerscarrière
De Bruijn speelde bij DWV en later vanaf 1994 voor AFC. Hier werd hij twee jaar later gescout door FC Volendam, uitkomend in de Eredivisie. Zijn profdebuut maakte hij op 21 augustus 1996, tegen De Graafschap (1–1). De Bruijn was voor het eerst trefzeker als profvoetballer op 15 september. Door twee doelpunten van de aanvaller werd op die dag met 2–1 gewonnen van Willem II. FC Volendam handhaafde zich als nummer twaalf in de Eredivisie.
Tijdens zijn tweede seizoen bij FC Volendam kwam De Bruijn gaandeweg de jaargang minder in actie en in maart 1998 werd hij tot aan de zomer van dat jaar verhuurd aan Eerstedivisionist ADO Den Haag. Voor die club kwam hij in twaalf duels viermaal tot scoren. In 1998 mocht De Bruijn definitief vertrekken bij Volendam en hij keerde terug bij AFC. Hier groeide hij uit tot topscorer aller tijden, met 90 doelpunten in 133 wedstrijden. Hij hielp de club als aanvoerder aan een promotie in 2001. In het seizoen 2002/03 was hij nog actief voor DWS, waarna hij op eenendertigjarige leeftijd een punt achter zijn voetballoopbaan zette vanwege aanhoudende schouderblessures.