| Basterdklaver | ||||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
| Ondersoort | ||||||||||||||||||||
| Trifolium hybridum subsp. hybridum | ||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||
Basterdklaver of bastaardklaver (Trifolium hybridum subsp. hybridum) is een ondersoort van de plantensoort Trifolium hybridum.
De Nederlandse triviale namen 'basterdklaver' en 'bastaardklaver' zijn betrekkelijk misleidend, doordat deze namen doen vermoeden dat zij een nothospecies of nothosubspecies is. Deze triviale namen zijn hoogstwaarschijnlijk afgeleid van de botanische naam. De naamgever, taxonoom en botanicus Linnaeus, verkeerde in de foutieve veronderstelling dat basterdklaver voortkomt uit hybridisatie tussen witte en rode klaver.

Basterdklaver is een overblijvende, kruidachtige plant die een hoogte kan bereiken van 30–90 cm. Ze vormt holle stengels, waaruit als deze de grond raken geen wortels ontspringen. De drietallige bladeren hebben omgekeerd-eironde, fijn getande deelblaadjes. De steunblaadjes zijn smal driehoekig. De bloeitijd van basterdklaver loopt van mei tot september met witte, later naar roze verkleurende, 7–9 mm lange, zoet geurende bloemen. Na de bloei zijn de bloemen oranjebruin. De kroonbladeren zijn langer dan de kelk. De kelk is kaal en heeft ongeveer gelijke kelktanden. De bloemen vormen een gesteelde, 1,3–1,9 cm grote, hoofdjesachtige tros. De vrucht is een eenzadige peul. De soort heeft 2n = 16 chromosomen.
Basterdklaver gedijt op vochtige tot natte, eutrofe tot mesotrofe, eventueel brakke grond. Ze is te vinden tussen het gras, vooral op slecht gedraineerde bodem, en op braakliggende terreinen, waar hij zich gedraagt als pionier.
Basterdklaver lijkt vooral op witte klaver en rode klaver. Witte klaver vormt kruipende stengels waaruit wortels ontspringen op de plekken waar deze de grond raakt. Rode klaver heeft behaarde bladeren.
Basterdklaver wordt gebruikt als voedergewas voor rundvee. De plant heeft echter een matige smaak. Het zaaien met 8–15 kg zaaizaad per ha gebeurt in maart, waarna het twee keer per jaar gehooid kan worden. Per jaar kan er 7500 kg droge stof per ha geoogst worden. Gemaaid wordt wanneer de plant bloeit. Basterdklaver kan het best vers gevoederd worden, omdat het hooi door de bitterheid minder smakelijk is.
Basterdklaver is, onder sommige omstandigheden, toxisch voor paarden. De toxiciteit is waarschijnlijk indirect; de toxiciteit is geassocieerd met secundaire metabolieten van een schimmel, die groeit op basterdklaver onder vochtige omstandigheden. Vergiftigingsverschijnselen bij paarden komen inderdaad vooral voor bij begrazing van basterdklaver onder langdurig natte omstandigheden. Onder dergelijke omstandigheden worden overigens ook vergiftigingsverschijnselen bij paarden gerapporteerd bij consumptie van rode klaver.