| Bertha Ensel | ||
|---|---|---|
| Algemene informatie | ||
| Geboortedatum | 23 mei 1924 | |
| Geboorteplaats | Amsterdam | |
| Overlijdensdatum | 8 september 2001 | |
| Overlijdensplaats | Spijkenisse | |
| Werk | ||
| Beroep | Handwerkster, Dienstbode | |
| Religie | ||
| Religie | jodendom | |
| Familie | ||
| Broers en zussen | Salina Ensel | |
| Persoonlijk | ||
| Talen | Nederlands | |
| Plaats van gevangenschap | Kamp Westerbork, Sobibór, concentratiekamp Lublin, Milejów concentration camp, Kamp Trawniki, Auschwitz, Buchenwald | |
Bertha Ensel (Amsterdam, 23 mei 1924 – Spijkenisse, 8 september 2001) was een Nederlander van Joodse afkomst en overlevende van meerdere concentratie- en arbeidskampen.
Bertha Ensel werd in Amsterdam geboren als de oudste dochter van Abraham Ensel en Rebecca de Klijn. Haar vader, Abraham, werkte in Amsterdam als venter in brandstoffen. Het gezin bestond destijds verder uit haar oudere broer Raphaël en een jongere zus, Salina. Na de verhuizing naar Rotterdam kregen haar ouders nog een zoon en dochter, Rachel en Benjamin.
Als handwerkster woonde Bertha Ensel tijdens de Tweede Wereldoorlog samen met haar ouders, broers en zussen in Rotterdam-West.
Ook werkte Ensel vanaf 1 september 1942 als dienstbode voor het Israëlitisch Oudeliedengesticht, een tehuis voor zieken en bejaarden.
Op 10 maart 1943 werd de 18-jarige Ensel vanuit Kamp Westerbork gedeporteerd naar vernietigingskamp Sobibór. Inspecteur Pappenheim, werkzaam voor de Joodse Raad, verleende geen vrijstelling van deportatie.
Daar aangekomen werd ze geselecteerd voor werk in een ander kamp en naar het Lublin-concentratiekamp gestuurd. Bij haar aankomst werd Ensel ingezet voor de bouw van barakken en het herstel van straten.
Wij hebben daar gewerkt o.a. barakken gebouwd, straten gemaakt. De mannen en vrouwen werkten apart, de barakken waren ook apart, maar iedere avond mochten de vrouwen naar het mannenlager van ongeveer 8 uur tot 9 uur. We werkten ook wel eens tot 12 uur ’s nachts. De SS stond met de zweep achter ons. Als bewakers hadden wij ook wel Wit-Russen uit de Oekraïne. Deze waren soms nog erger dan de moffen. In dit kamp is veel geslagen met zwepen.
— Bertha Ensel en Judith Eliazar
Na zes maanden werd Ensel naar Milejow gebracht om te werken in een jamfabriek en van daaruit werd ze in november 1943 naar het Trawniki-arbeidskamp gestuurd om de kleding te sorteren van degenen die vermoord waren tijdens Aktion Erntefest.
In de zomer van 1944 keerde ze terug naar het Lublin-concentratiekamp maar toen het Rode Leger oprukte, werd ze gedwongen om te voet naar Auschwitz-Birkenau te gaan.
Vanuit Auschwitz werd ze gestuurd naar het Buchenwald-concentratiekamp in Duitsland. Na haar werkzaamheden in een munitiefabriek in Lippstadt keerde Bertha terug naar Nederland. Haar jongere zus, Salina Ensel, heeft de Holocaust eveneens overleefd en keerde ook terug naar Nederland.
Haar oudste broer, Raphaël, werd op 28 mei 1942 in de Korenaarstraat, nabij het ouderlijk huis, gearresteerd waarna hij werd vastgehouden door de Sicherheitspolizei. Op 11 juni 1942 werd Raphaël vanuit Kamp Amersfoort op transport gezet naar Auschwitz, waar hij op 30 september 1942 overleed.
Tijdens de Holocaust verloor Ensel ook haar beide ouders, broer Benjamin en jongere zus Rachel op 7 mei 1943 in Sobibór.
Tussen 1945 en 1946 heeft Ensel een verzoek ingediend voor extra levensmiddelbonnen.
Na de oorlog legden Ensel samen met Holocaust-overlevende, Judik Eliasar (ook vermeld als Judith Eliazar in bronnen), een gezamenlijke getuigenis af over hun ervaringen in de kampen. Deze verklaringen zijn op aanvraag te raadplegen in het NIOD. Fragmenten van deze verklaringen zijn tevens online gepubliceerd op de website van Sobiborinterviews.
Ensel was lid van de Nederlands-Israëlitisch Kerkgenootschap.
Na haar terugkeer naar Nederland trouwde Ensel op 19 september 1945 in Rotterdam met Renkumer Hannes Jansen, die tijdens de Tweede Wereldoorlog dwangarbeid had verricht in een katholiek ziekenhuis in Lippstadt. Ensel overleed op 8 september 2001 in Spijkenisse en werd begraven op de Joodse begraafplaats aan het Toepad.
De ouders van Ensel, evenals haar broers Raphaël en Benjamin en haar zus Rachel, worden herdacht in het Holocaust Namenmonument in Amsterdam, elk met een eigen bakstenen gedenkplaat.
Bertha Ensel op Joods Monument
Bertha Ensel op Sobiborinterviews
Bertha Ensel op Oorlogsbronnen