
Een bezoar of enteroliet is een vast of samengeklonterd, steenachtig lichaam dat voorkomt in het maag-darmstelsel. Vroeger dichtte men heilzame of magische kwaliteiten toe aan de bezoar, een geneesmiddel tegen alle mogelijke kwalen.
Een bezoar kan worden veroorzaakt door het inslikken van haar, bijvoorbeeld bij katten en knaagdieren. Sommige diersoorten slikken stenen of zand in; deze gastrolieten helpen bij de spijsvertering; bij waterdieren kunnen ze bovendien het drijfvermogen reguleren en bijdragen aan de balans. De bezoargeit, een roodbruine soort geit die onder andere in de bergen van Voor-Azië en op sommige Griekse eilanden voorkomt en vaak maagstenen heeft, is naar de bezoar vernoemd.
Soms komen bezoars bij de mens voor. Vaak geven ze geen klachten, maar verstopping, pijn en misselijkheid kunnen ingrijpen nodig maken.
Hieronder een onvolledige lijst van beschreven varianten en oorzaken:
Phytobezoars zijn brokken plantenresten; deze bevatten vaak cellulose, tannine en lignine. Een frequente oorzaak hiervan is het eten van ananas of onrijpe kaki-vruchten. Behandeling:
Tegenwoordig wordt de naam bezoar aan alle maagstenen toegekend. De term komt oorspronkelijk uit het Perzisch: het Perzische pâdzahr (پادزهر) betekent letterlijk bescherming tegen gif.