| Botia striata IUCN-status: Bedreigd (2011) | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Botia striata Narayan Rao, 1920 | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
Botia striata is een straalvinnige vissensoort uit de familie Botiidae. De wetenschappelijke naam van de soort is voor het eerst geldig gepubliceerd in 1920 door Narayan Rao.
Botia striata is met een totale lengte van zes tot acht centimeter een relatief kleine vertegenwoordiger van de Botiidae. Leden van deze familie onderscheiden zich van de meeste andere modderkruiperachtige vissen door hun hoge, sterk zijdelings afgeplatte lichaam. Rond de onderstandige bek bevinden zich drie paar korte, dunne bekdraden. De kop en wangen zijn schubloos, terwijl het glad ogende lichaam bedekt is met talrijke zeer kleine schubben.
De zebraprachtbotia heeft een patroon van zeer smalle verticale strepen in lichte en donkere bruin- en groentinten. Bij volwassen exemplaren kunnen sommige strepen roodachtig van kleur zijn. Op de kop lopen de dwarsbanden in de richting van de bek. De vinnen dragen enkele lengtestrepen die uit afzonderlijke stippen bestaan. Onder het oog bevindt zich een tweepuntige suborbitale stekel die kan worden opgericht.
Soorten uit de familie Botiidae kunnen klikkende of knakkende geluiden produceren. Deze geluiden worden niet gebruikt om een territorium af te bakenen, maar spelen een rol bij het bewaren van afstand tussen individuele dieren.
Botia striata komt voor in heldere, snelstromende bergbeken en rivieren in de West-Ghats in het zuiden van India, met name in de rivier de Tunga, en in de deelstaten Maharashtra en Karnataka. Het bekende leefgebied beslaat minder dan 400 km² en de soort komt versnipperd voor in slechts vier gebieden. Het leefgebied wordt bedreigd door dichtslibbing als gevolg van ontbossing en door waterverontreiniging. De IUCN heeft de Botia striata daarom geclassificeerd als bedreigd (Endangered, EN)
Over de levenswijze, het voedsel, het gedrag en de voortplanting van Botia striata in het wild is weinig bekend. De soort zoekt zijn voedsel voornamelijk op de bodem en heeft een voorkeur voor een zandige of grindachtige ondergrond. Op basis van waarnemingen in aquaria wordt aangenomen dat waterslakken deel uitmaken van het natuurlijke voedsel
Botia striata wordt regelmatig als jonge vis voor de aquariumhandel aangeboden. Voortplanting in aquaria is slechts zelden succesvol.