| Geel trosvlies | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Geel trosvlies | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Soort | ||||||||||||
| Botryobasidium aureum Parmasto (1965) | ||||||||||||
| ||||||||||||
Het geel trosvlies (Botryobasidium aureum) is een schimmel uit de familie Botryobasidiaceae. Het is een saprotrofe korstzwam die groeit op dood hout van loofbomen en -struiken, vooral in loofbossen.
De soort werd in 1965 beschreven door de Estische mycoloog Erast Parmasto. Het type-exemplaar werd verzameld in Armenië op een afgevallen tak van hazelaar (Corylus avellana).
Het vruchtlichaam is resupinaat en vormt een zeer dunne, los aangehechte, spinnenwebachtige tot fijnviltige laag over het substraat. Het sporenvormende oppervlak is witachtig, crèmekleurig tot geelachtig.
Het geel trosvlies kan naast het geslachtelijke stadium ook een opvallend ongeslachtelijk stadium vormen. Dit werd vroeger aangeduid als Haplotrichum aureum. In dit stadium kan de schimmel geel tot oranjegeel gekleurd zijn en worden grote conidia gevormd. Door de invoering van het principe waarbij voor een schimmel één wetenschappelijke naam wordt gebruikt, wordt voor beide stadia de naam Botryobasidium aureum gebruikt.
Het heeft een monomitisch hyfensysteem. De hyfen zijn kleurloos en vertakken vaak vrijwel haaks. Cystiden ontbreken. De basidia dragen gewoonlijk zes sterigmata.
De basidiosporen zijn kleurloos, glad en dunwandig. Ze zijn subcilindrisch tot bootvormig en meten ongeveer 6–9 × 3–4 µm. Voor een zekere determinatie is microscopisch onderzoek noodzakelijk.
In het ongeslachtelijke stadium worden veel grotere, dikwandige, geelachtige tot oranjegele en ongeveer citroenvormige conidia gevormd. Deze meten ongeveer 15–17 × 12–14 µm.
Het geel trosvlies leeft saprotroof op dood hout. In Nederland wordt het vooral gevonden in loofbossen op takken en stammen van loofbomen en -struiken. De soort is onder andere bekend van hout van hazelaar, beuk, eik, es en andere loofbomen.
Het geel trosvlies is uit verschillende delen van Europa bekend. De soort werd oorspronkelijk beschreven uit Armenië.
In Nederland komt het geel trosvlies vrij zeldzaam voor.