| Charles Roskam | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Volledige naam | Karel Hendrik Roskam | |||
| Geboren | Amsterdam, 30 november 1852 | |||
| Overleden | Den Haag, 7 oktober 1921 | |||
| Geboorteland | Nederland | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | kunst- en decoratieschilder | |||
| Floruit | 20 juni 1913, 1901 | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Leerling(en) | Jo van Oosten Slingeland, Elizabeth Siewertsz van Reesema, Henri Verstijnen | |||
| Jaren actief | 1867 – 1921 | |||
| Werklocatie | Antwerpen, Amsterdam, Arnhem, Den Haag, Arnhem | |||
| Werkgever | Genootschap Kunstoefening Arnhem, Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten | |||
| Links | ||||
| RKD-profiel | ||||
| ||||
Karel Hendrik (Charles) Roskam (Amsterdam, 30 november 1852 – Den Haag, 7 oktober 1921) was een Nederlands kunst- en decoratieschilder. Hij wordt ook vermeld als K.H. Roskam Jr.
Karel Roskam was een zoon van Kasper Hendrik Roskam (1818-1894) en Engelina Jager (1829-1886). Zijn vader en jongere broer Eduard waren beeldhouwers, Karel werd schilder, net als grootvader Jan Roskam. Hij was getrouwd met Catharina Elisabeth Potharst (1847-1889) en Helena Brüner (1860-1931). Roskam kreeg les in decoratieschilderen van Jan David Geerling Grootveld, chef-decorateur in het Paleis voor Volksvlijt. Aanvankelijk schilderde Roskam vooral decorstukken voor het theater. Hij werd chef-decorateur bij Théâtre Tivoli aan de Nes in Amsterdam, waar hij naast het decor ook de advertentiedoeken schilderde. Er werd in 1874-1875 diverse keren een voorstelling opgevoerd waarvan de opbrengst aan hem ten goede kwam. Vanaf 1876-1877, toen hij enige tijd bij diverse kunstenaars in Antwerpen werkte, noemde hij zich Charles Roskam. Tot 1879 werkte hij nog voor Tivoli, daarna was hij achtereenvolgens in dienst bij de Stadsschouwburg Amsterdam (1879-1884) en de Parkschouwburg (1884-1885). Roskam maakte ook decors voor schouwburgen in onder andere Antwerpen, Groningen, Haarlem, Nijmegen en Paramaribo. In 1885 ontving hij van George II van Saksen-Meiningen, bijgenaamd 'der Theaterherzog', een medaille in de Orde van Verdienste voor Kunst en Wetenschap.
Roskam maakte naast decors plafond- en muurschilderingen en schilderijen in olieverf en aquarel. Hij toonde zijn werk onder andere op de tentoonstellingen van Levende Meesters. Zijn werk werd in 1877 bekroond met een bronzen medaille op de kunstnijverheidstentoonstelling in Amsterdam en in 1881 met een zilveren medaille op de tentoonstelling voor decoratieve schilderkunst in Arnhem.
In 1886 werd Charles Roskam tekendocent aan de academie van het Genootschap Kunstoefening in Arnhem. Hij was in Arnhem verder onder meer voorzitter van de vereniging Artibus Sacrum en bestuurslid van de Vereeniging tot het inrichten van Gemeentelijke Tentoonstellingen van Kunstwerken van levende Meesters. In 1901 ontwierp hij de prijspenning voor de tentoonstellingen. Een aantal malen ontwierp hij ook tijdelijke bouwwerken, zoals de voorgevel van het tentoonstellingsgebouw (1890), een stadspoort (1897) ter gelegenheid van het bezoek van de koninginnen Emma en Wilhelmina aan Arnhem en 'Oud-Hellas' (1909), een marktplein met een aantal Griekse gebouwen in de tuin van het Musis Sacrum. Per 1 januari 1914 werd Roskam benoemd tot docent aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. In 1918 ging hij met pensioen. Tot zijn leerlingen in Arnhem en Den Haag behoorden Jo van Oosten Slingeland, Elizabeth Siewertsz van Reesema en Henri Verstijnen.
Charles Roskam overleed op 68-jarige leeftijd, hij werd begraven op Nieuw Eykenduynen.