Condrozstrook

Kaart van de Hercynische/Variscische structuren in België en Luxemburg, waarop de Condrozstrook staat aangegeven. Plekken waar Vroeg-Paleozoïsch gesteente aan het oppervlak ligt zijn donkerroze.

De Condrozstrook of (Frans: Bande de Sambre-et-Meuse; Engels: Condroz Inlier) is een geologische structuur in Centraal-België. Het is een langgerekt tektonisch hoog of tektonisch venster dat door de provincies Henegouwen, Namen en Luik loopt ten zuiden van de Maas en Samber. In de Condrozstrook komt gesteente uit het Vroege Paleozoïcum (Ordovicium en Siluur) aan het oppervlak. De strook is tussen Bouffioulx in het westen en Engis in het oosten ongeveer 65 km lang. Van noord naar zuid varieert de breedte tussen 0,5 en 4 km.

Hoewel de Condrozstrook genoemd is naar de streek de Condroz, ligt het grootste deel van die strook verder naar het zuiden, in gebied dat geologisch gezien bij het synclinorium van Dinant behoort.

De Condrozstrook ontstond door het omhoog bewegen van de zuidelijke flank van het synclinorium van Namen langs de overschuivingen van het Variscisch front. In het midden en oosten van België wordt dit front vertegenwoordigd door de Condroz-overschuiving. Aan het einde van de Hercynische orogenese schoven over dit front de 'allochtone' terreinen van de Ardennen (waaronder het synclinorium van Dinant) noordwaarts over het 'autochtone' Massief van Brabant en 'parautochtone' synclinorium van Namen. De Condrozstrook is echter zelf geen deel van het parautochtoon: het kan gezien worden als zuidelijk equivalent van het Massief van Brabant. Het Bekken van Namen bestaat uit gesteente uit het Devoon en Carboon. Het werd tijdens de Hercynische beweging in een synclinale vorm geplooid. Zowel ten noorden als ten zuiden van dit synclinorium van Namen komt ouder gesteente aan het oppervlak: in het noorden de sokkel van het Massief van Brabant en in het zuiden de Condrozstrook. Het venster ligt dus ingeklemd tussen het synclinorium van Namen en het Variscisch front.