D-toren

D-toren
D-toren
Locatie
Locatie DoetinchemBewerken op Wikidata
Status en tijdlijn
Gereed 2003Bewerken op Wikidata
Afmetingen
Hoogte tot top 12 meterBewerken op Wikidata
Links
Website
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

De D-toren (in de volksmond bekend als De Kies, De Tand of De Holle Kies) is een interactief kunstwerk in het centrum van Doetinchem, dat op 1 september 2004 in gebruik werd genomen. Het twaalf meter hoge en vier meter brede driedimensionale werk werd gemaakt door beeldend kunstenaar Q.S. Serafijn (1960–2024) in samenwerking met architect Lars Spuybroek en zijn bureau NOX Architecten, in opdracht van de gemeente Doetinchem. De D-toren wordt beschouwd als het eerste interactieve kunstwerk ter wereld in zijn soort: het verandert van kleur op basis van de via internet gepeilde overheersende emotie van een groep Doetinchemse deelnemers. De letter D verwijst zowel naar Doetinchem als naar dimensie. Oorspronkelijk was de D-toren bedoeld als eerste van vijf kunsttorens op de plaatsen van de voormalige stadspoorten; van die vijf is er uiteindelijk maar één gerealiseerd. Het kunstwerk staat bekend als Doetinchems bekendste en meest controversiële beeld.

Voorgeschiedenis

Het project D-toren kwam voort uit de Doetinchemse beleidsnota Wandelen tussen rots en wolk (toepassing van beeldende kunst in de buitenlucht). Deze nota voorzag in een reeks van vijf kunsttorens, te plaatsen op drukke kruispunten rondom de binnenstad — vier op de plekken van de voormalige stadspoorten van Doetinchem, en een vijfde op een centrale locatie. Iedere toren zou worden verbonden aan een van de klassieke elementen: aarde, water, lucht, vuur en tijd. Aan de D-toren werd het thema vuur toegekend.

Een door de gemeente ingestelde projectgroep en openbare kunstcommissie, met onder anderen Henk Wubbels, Jan Jenniskens en Paul van der Lee, selecteerde na een uitvoerige procedure beeldend kunstenaar Q.S. Serafijn als ontwerper. Serafijn bracht vervolgens architect Lars Spuybroek en zijn bureau NOX Architecten in voor de architectonische uitwerking.

Locatie

De D-toren staat aan de ingang van de Grutstraat, op de plek waar tot in de 19e eeuw de Grutpoort (ook wel Gruitpoort) deel uitmaakte van de stadsommuring van Doetinchem. Daarmee verwijst de plaatsing naar de historische stadsstructuur, hoewel de andere vier in het oorspronkelijke plan voorziene torens op de overige stadspoort-locaties nooit zijn gerealiseerd.

Ontwerp en bouw

De D-toren is een twaalf meter hoog en circa vier meter breed object, opgebouwd uit negentien verschillende, onderling verlijmde glasvezelversterkte epoxydelen. De vorm bestaat uit vier "poten" die in de top samenkomen in een amorfe, opbollende structuur. Het ontwerp werd computergegenereerd door NOX Architecten, op basis van de van Antoni Gaudí afkomstige techniek van omgekeerde kettingmodellen — dezelfde techniek die de Spaanse architect gebruikte voor de Sagrada Família in Barcelona. De bewerkte vorm sluit aan bij Serafijns oorspronkelijke schets, waarin vier "emotiewortels" samenkomen in een collectief landschap met "emotiepieken".

De feitelijke assemblage van de toren bleek een aanzienlijke uitdaging: het object lag in onderdelen in een loods, en niemand wist hoe ze in elkaar gezet moesten worden. Timmerman Arnold Fischer van bouwbedrijf Ten Brinke werd met een assistent in een hal opgesloten en zorgde uiteindelijk voor de samenstelling van de toren tot een geheel. Architect Spuybroek voorzag bij voorbaat dat het plaatsen van het experimentele ontwerp problematisch zou kunnen worden, mede vanwege het complexe kabelnetwerk onder de gekozen locatie.

Overdag is het kunstwerk witgrijs van kleur. Inwendig is het uitgerust met ledverlichting, waarmee het 's avonds in vier kleuren kan oplichten.

Mechanisme en interactiviteit

Het werk wordt door de makers omschreven als driedelig: een fysieke toren in de openbare ruimte, een online vragensysteem en een ledverlichting die de uitkomst van het vragensysteem zichtbaar maakt. Een groep van ongeveer vijftig vrijwillig ingeschreven Doetinchemse inwoners, verspreid over alle postcodegebieden van de stad, ontvangt om de twee dagen via internet een aantal vragen of stellingen over hun emotionele toestand. Op basis van de ingezonden antwoorden berekent het systeem dagelijks welke van vier emoties het sterkst werd ervaren. Iedere emotie correspondeert met een kleur waarin de toren 's avonds van binnenuit oplicht:

Per half jaar wordt de samenstelling van de deelnemersgroep ververst. Door de inschrijfvereiste en het wachtwoordsysteem werd voorkomen dat niet-Doetinchemmers invloed konden uitoefenen op de uitkomst.

Onthulling en ontvangst

De D-toren werd op 1 september 2004 onthuld en in gebruik genomen. Het kunstwerk wordt op architectenweb beschreven als een opmerkelijk staaltje van computergegenereerde architectuur en in vakkringen positief ontvangen. Volgens betrokkenen heeft de toren "in de kunstwereld gigantisch gescoord, veel meer dan welk kunstwerk in de omgeving dan ook"; tegelijkertijd ondervond het project lokaal aanzienlijke weerstand van Doetinchemmers die meenden dat het beschikbare gemeentelijke geld beter aan andere doelen kon worden besteed. Mede door deze weerstand zijn de overige vier voorziene kunsttorens nooit gerealiseerd.

Latere staat

In de loop der jaren is het interactieve mechanisme buiten werking geraakt. Bij de viering van het twintigjarig bestaan in september 2024 werd vastgesteld dat het kunstwerk er "tegenwoordig 'gewoon'" stond — zonder dat de oorspronkelijke emotie-meting nog actief was. Vertegenwoordigers van de oorspronkelijke projectgroep pleitten bij dit jubileum voor hervatting van de oorspronkelijke ambitie en eventueel alsnog realisering van de andere torens uit de oorspronkelijke plannen.

Op 1 juni 2024 overleed mede-ontwerper Q.S. Serafijn op 64-jarige leeftijd in Rotterdam, waarmee de D-toren tot een afgesloten oeuvre-stuk werd.

Volksbenamingen

In het lokale spraakgebruik wordt de D-toren vrijwel uitsluitend aangeduid als De Kies, De Tand of De Holle Kies, een verwijzing naar de vorm van het object — vier afzonderlijke poten die naar boven samenkomen in een opbollende top, daarmee gelijkend op een kies of tand. De bijnamen worden zowel in de regionale pers als op handelswaar (zoals posters en lokale gidsen) gehanteerd.

Zie ook

Bronnen en referenties

Zie de categorie D-Tower (2003) by Q.S. Serafijn & Lars Spuybroek van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.