David Sydney Morgan (Ewell, 18 mei 1932) is een Brits-Australisch componist, muziekpedagoog, dirigent, hoboïst en althoboïst.
Morgan vertrok op vierjarige leeftijd met zijn ouders naar Sydney, ging daar op school en groeide er op. In 1946 begon hij zijn muziekstudies aan het New South Wales State Conservatorium of Music, nu: Sydney Conservatorium of Music afdeling van de Universiteit van Sydney in Sydney, waar hij harmonie en compositie bij Alex Burnard, hobo bij Jiří Tancibudek en ontving in 1950, 1951 en 1952 een studiebeurs van de "Sydney Gordon Vicars Composition Scholarship". Met een verdere studiebeurs kon hij aan het Royal College of Music in Londen bij Mátyás Seiber (compositie), Peter Newbury (althobo), Norman Del Mar (orkestdirectie) en Walter Goehr (orkestdirectie en muziekanalyse) studeren. Aldaar behaalde hij zijn Associate of the Royal College of Music (ARCM) in compositie in 1957 alsook zijn Bachlor of Music in 1970.
Morgan was als althoboïst verbonden aan het Sydney Symphony Orchestra. Als docent werkte hij aan een lerarencollege (Inner London Education Authority). Verder werkte hij als muziek-bibliothecaris voor het British Council in Londen en aan de British Museum bibliotheek. Als huiscomponist/-arrangeur was hij werkzaam in de muziekafdeling van het South Australian Education Department.
Morgan was als dirigent verbonden aan het Adelaide Chamber Orchestra en aan verschillende harmonieorkesten, koren en andere ensembles. Tegenwoordig is hij dirigent en artistiek leider van het Barossa Chamber Orchestra.
Met uitzondering van muziek voor het muziektheater heeft hij voor alle genres werken geschreven. Zijn Festival Overture schreef hij op 16-jarige leeftijd en ging door het Sydney Symphony Orchestra onder leiding van Sir Eugene Goossens in première. Zijn zeven symfonieën werden door alle vooraanstaande Australische orkesten uitgevoerd.