
De Baillet Latour is een in 1998 uitgestorven Belgische adellijke familie die de titel van graaf voerde.
In 1674 werd Maximilien Antoine Baillet (1683-17..), heer van Latour, ontvanger-generaal van Luxemburg, verheven tot de adelstand. Van dan af wordt de familienaam de Baillet. Zijn jongere zoon Christophe Ernest de Baillet, bekleedde belangrijke posities in de Zuidelijke Nederlanden en werd daarvoor in 1719 verheven tot graaf.
Een achterkleinzoon van Maximilien Antoine, Jean-Baptiste, kreeg in 1744 de titel graaf. Hij was de vader van Maximiliaan en Louis, de stichters van respectievelijk de Oostenrijkse en de Zuid-Nederlandse (later Belgische) tak. Hun oom Bonaventure de Baillet trouwde met een lid van het huis Cogels en stichtte zo de Antwerpse tak van de familie. Deze veranderde in 1891, na het uitsterven van de hoofdtak, de naam in de Baillet Latour. Uiteindelijk zou ook deze tak in 1998 uitsterven.
Een jongere tak van de familie, in het bezit van de heerlijkheid Merlemont, en daarom de Baillet-Merlemont genaamd, werd in 1740 geadeld, en kreeg in 1754 de titel burggraaf. Deze tak stierf in mannelijke lijn uit in 1809.
Na de afschaffing van de adel in de Zuidelijke Nederlanden in 1795, werden de leden ervan vanaf 1815 weer hersteld in rang, waarbij de meesten hun adellijke status bevestigden:
De naam van de familie leeft verder in het "Fonds Baillet Latour", beheerd door de Koning Boudewijnstichting. Het fonds Baillet Latour wil "de menselijke excellentie in België aanmoedigen, bevorderen en stimuleren". Thomas Leysen is er voorzitter.