Ochrophyta

Ochrophyta
Fossiel voorkomen:
Mesoproterozoïcum — heden
Bruinwieren zijn grote meercellige vertegenwoordigers van de Ochrophyta
Taxonomische indeling
Domein:Eukaryota (Eukaryoten)
Clade:SAR-clade
Clade:Stramenopila
Divisie
Ochrophyta
Cavalier-Smith, 1986
Synoniemen
  • Heterokontophyta Guiry et al., 2023
  • Ochrista Cavalier-Smith, 1986
Afbeeldingen op Wikimedia Commons
Ochrophyta op Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Ochrophyta, ook wel Heterokontophyta, vormen een omvangrijke stam van algen. Deze algen behoren tot Stramenopila (Heterokonta): een grote clade eukaryote organismen met (in beginsel) twee ongelijk gevormde flagellen.

De Ochrophyta hebben chloroplasten die worden omgeven door vier membranen. Dit wijst op een complexe evolutionaire oorsprong, namelijk een secundaire endosymbiose van een roodwier. In de plastiden zijn de thylakoïden georganiseerd in stapeltjes van drie, en de belangrijkste pigmenten zijn chlorofyl a en c, aangevuld met onder meer β-caroteen en xanthofyllen.

Tot de Ochrophyta behoren veel ecologisch belangrijke algen, zoals de bruinwieren (bijvoorbeeld kelp) en de diatomeeën. Deze organismen spelen een belangrijke rol in mariene en zoete wateren, onder andere als primaire producenten. De Ochrophyta is qua soortenrijkdom een van de meest succesvolle evolutielijnen binnen de eukaryoten.

Taxonomisch worden de Ochrophyta meestal als een zelfstandig stam (fylum) beschouwd (de naam Heterokontophyta is gebruikelijk onder fycologen), en soms als een subfylum (Ochrophytina) binnen de bredere protisten-clade Gyrista. Welke indeling men gebruikt, hangt af van de gekozen classificatiemethode, maar in alle gevallen vormen ochrophyten een vrij duidelijk herkenbare evolutionaire groep binnen de SAR-clade (Harosa).

Beschrijving

Celopbouw van een typische eencellige vertegenwoordiger

Ochrophyta zijn morfologisch zeer divers. Soorten in dit fylum kunnen eencellig, koloniaal, coenocytisch of meercellig zijn. Bekende voorbeelden van meercellige vormen zijn de bruinwieren zoals kelp (bijv. Laminaria).

De meest soorten zijn fotosynthetisch. Ochrophyta bezitten chloroplasten die evolutionair zijn ontstaan uit een secundaire endosymbiose van een roodwier. De plastiden zijn daardoor omgeven door vier membranen, wat hen onderscheidt van andere algen zoals groenwieren en roodwieren, die twee membranen hebben. De buitenste membranen van de plastiden staan in verbinding met het endoplasmatisch reticulum, een kenmerk dat ook voorkomt bij Cryptophyta en Haptophyta.

De Ochrophyta delen een aantal kenmerken met andere groepen binnen de Stramenopila, zoals de vorm van de flagellen bij veel eencellige vertegenwoordigers en de ultrastructuur van de mitochondriën. De pigmentsamenstelling in de chloroplasten is echter vrij specifiek. Alle fotosynthetische Ochrophyta bezitten chlorofyl a en c. De goudbruine kleur die voorkomt bij diverse groepen (diatomeeën, bruinwieren, goudwieren) is het gevolg van het pigment fucoxanthine.

Algen in deze stam slaan hun koolhydraatproducten op in gespecialiseerde vacuolen, buiten de plastiden, in de vorm van laminarine, chrysolaminarine en vergelijkbare polysachariden. Zetmeel wordt niet gevormd.

Diversiteit en classificatie

Volgens een taxonomische inventarisatie uit 2024 omvatten de fotosynthetische Stramenopila ruim 23.000 beschreven soorten, met daarnaast 490 soorten waarvan de positie nog onzeker is. Naar schatting zijn er nog minstens honderdduizend soorten niet ontdekt, het grootste deel diatomeeën.

Dinobryon (Chrysophyceae)

Van 490 soorten is de taxonomische plaats onduidelijk (Incertae sedis)

Zie ook